RSS

Categorie archief: poëzie

Walvissen

Walvissen
De kuisploeg der oceanen.
Happen als stofzuigers
Plastic.
Behappen
Hun eigen dood.

Tijd
Hoog tijd
Om tijdig hun maag
Leeg te pompen.

Of
Bij nader order
Een soort te ontwikkelen
Die plastic
Als voedsel behoeft.

Advertenties
 
Een reactie plaatsen

Geplaatst door op 16 juni 2018 in poëzie

 

Plastic

Walvissen
De kuisploeg der oceanen.
Happen als stofzuigers
Plastic.
Behappen
Hun eigen dood.

Tijd
Hoog tijd
Om tijdig hun maag
Leeg te pompen.

Of
Bij nader order
Een soort te ontwikkelen
Die plastic
Als voedsel behoeft.

 
Een reactie plaatsen

Geplaatst door op 3 juni 2018 in maatschappij, poëzie

 

2B or not 2B

Heisenberg imagines that electrons do not always exist. They only exist when someone watches them, or better, when they are interacting with something else. In quantum mechanics no object has a definite position, except when colliding headlong with something else.
Dit gaat ook op voor de creatieve eenzaat aan zijn werktafel die drinkend uit poëzie, kribbelend op een wit blad, niet bestaat voor de anderen. Pas wanneer iemand binnenkomt weet de ander waar de eenzaat zich bevindt en weet de eenzaat wie hij is in relatie tot de ander. Eens die ander weer weg is, is de eenzaat (n)ergens, onbestemd en dolend; een vreemde voor zichzelf.

 
Een reactie plaatsen

Geplaatst door op 3 mei 2018 in filosofie, poëzie

 

Tussen haar regels

Tussen haar regels lezen,
Een punt zuigen
Aan haar welbespraaktheid
En samen languit liggen
In witruimte.

Taal is het bed
Waarin lust de lof zwaait
Van zichzelf
En het lichaam lijf wordt.

Jezelf tot komma neerpennen
tussen haar plooien.
Voelt als gedragen worden
In haar handtas.

Enkel zij
Vindt je terug
Grabbelt je op tussen lipstick en sleutelbos.
Waar je schuilt naast al die andere
Dolende vraagtekens.

 
Een reactie plaatsen

Geplaatst door op 24 februari 2018 in poëzie

 

Strijken

Strijken. Rijmt op ijken.
Wie strijkt die ijkt
De eigen normen.
Wie ongestreken gasten aan tafel ontvangt
Maakt een punt.

Strijken rijmt op lijken.
Wie strijkt liquideert plooien.
Plooien zijn nodig.
In de plooien van de tijd huist onze eigenheid.

De plooien gladstrijken
Is geen absoluut vergeten
Want ons geweten huist op wat we weten
En hoe het aanvoelde.

Strijken door haren – vingertopgewoel:
Wat blijft ambieert een betere smoel
Want het oog wil ook wat.
En in de spiegel oogt de schijn
Ontdaan van ambitieus venijn
Zo waar, zo cool.

Strijken doen de armen voor de rijken.
Nooit tegen de haren in.
Soms met opgeheven kin.

Als het ijzer heet is, smeed dan het plan
Gladheid tot norm te eren
Maar wees geen aal
Of waan u niet kaal.

Strijken is om te zeiken.
De uitvinding van zelfontspannende stoffen
Doet ons boffen.
De imperfectie weet van geen wijken.

Strijkend wierp wellicht ooit een deerne
Een kleine op de wereld.
Na een heel leven
Kon die zichzelf wegstrijken in de plooi van de dood.

Kom ik
Terwijl ik uw kraag stijf
Te vertellen over de trots van vent en wijf
Die mekaar klaarstomen
En liefst ook de plooien uit hun wangen zouden branden.

Eerst gedijt hun liefde als een biljartlaken
Op een dag verkreukelt hun wederzijdse genegenheid
En is een opgewarmd ijzer redder in nood
Om de schijn van het schone samenzijn
Gestalte te geven.

Strijken doen de rijken van geest,
De dapperen die boudweg finesse uiten
Ook al tikt de tijd.
Zij temmen het onafwendbare
Ook als de aarde onder hun voeten open splijt.
Afgelijnde silhouetten leggen lijn in het zijn.

 
Een reactie plaatsen

Geplaatst door op 11 februari 2018 in poëzie

 

Letterseductie

Op welbespraakte wijze
Tongzoenen hun klinkers
& sluiten medeklinkers
Een amoureuze accolade.

Beelden boetserend
Versnijden ze tijd
Vermijden nijd
& slikken achterdocht weer in.

Tussen punt en pint
Plaatsen ze de komma
Die de vraag die niet gesteld werd
Van antwoord dient.

 
Een reactie plaatsen

Geplaatst door op 11 januari 2018 in poëzie

 

Kwintessens

Ik sta buiten mezelf
met de zekerheid van gister
En denk aan de vrouw die reeds op weg is
Op het pad dat reeds gelegd werd.

Ik sta buiten mezelf
En stap mijn ontwakend morgen in
Zoals de druif dartel rijpt,
Niet bewust van haar lot als droesem.

Ik ben handlanger van de woorden
Die vandaag nog ontstoken van begrip
Gedichten zullen vullen
Met de aai van gratie.

Straks stap ik weer mezelf in
En volg het spoor van de vrouw.
Zij bladert reeds
In mijn te schrijven bundel.

Ik leg me neer in de vouw van het blad
Waarop haar ogen rusten
En hijs me langs de woorden
In het diepst van haar gedachten.

 
Een reactie plaatsen

Geplaatst door op 31 december 2017 in poëzie

 
  • Archief

  • oktober 2018
    M D W D V Z Z
    « Jul    
    1234567
    891011121314
    15161718192021
    22232425262728
    293031  
  • Advertenties