RSS

Maandelijks archief: juli 2013

GRATIS. NEEM MEE.

Leuke dag gehad?
Oordeel gerust zelf.

Yolan (20) en ik zetten een sofa, een kastje en een lange hoekkast voor de gevel. Op de sofa en de kast hangen we: “Gratis. Neem mee.”
Locatie: Antwerpen-Zuid.
Na 7 minuten is de lange kast gewenst. Een pittige 60’ster. Omdat haar zoon er niet is, zullen we ze bij een buurvrouw plaatsen. Mooi.
Yolan en ik demonteren vervolgens een volledige slaapkamer. Kleerkast, bed, boudoir.
Na 15 minuten wordt er gebeld. Drie mannen, nonchalant, jeans, geopende jekkers. Plat Antwerps.
Meneer, is dat om weg te geven?
Zeker. Ga uw gang.
Meneer, dat mag niet. Kunt u uw identiteitskaart tonen?
Uiteraard kan ik dat. U snapt toch de redenering? Het waarom?
Enfin, de kerels deden hun job. Ze mochten niet binnenkomen. Bizar toch dat Stadswachten aan de deur moeten blijven, wanneer ik hen zelf vraag binnen te komen. Inmiddels neemt er eentje foto’s. Waar ook ik op sta. Even Sabam bellen?
U krijgt geen GAS-boete als u alles binnenhaalt.
No problem. Ik hang wel een briefje aan het venster.
Dat is geen probleem.
’t Zal zijn.
(hun redenering ging als volgt: mensen nemen een zetel of een kast mee en zijn moe na 100meter stappen. En laten het meubel achter. Zwerfvuil.
Waarop mijn zoon: en wie zegt dat iemand anders het niet meeneemt? Waarom zoveel wantrouwen?)
Tja. Welke gevoelens voeden een beleid? Boeiende problematiek.
We halen de meubels terug binnen en plaatsen ze zichtbaar in de vitrine. Papiertje op het venster. Uit het raam drapeer ik een bedsprei. Zodat we ook opvallen van de andere kant van het dertien huizen tellende straatje.
Een half uur later, twee jonge gasten op de fiets, amper 20.
Meneer, mogen wij die sofa hebben?
En die stoelen.
Pak mee jongens.
Maar wij wonen vier straten verder.
Oké, help me de spullen in de wagen te proppen.
Terwijl mijn zoon zich in de zon op een krukje zet en de parkeerplaats vrijhoudt, rijd ik tweemaal om alles af te leveren. Een kerel heeft een vriendin en werkt als hulpkok in het restaurant van een groot Sportcomplex, ergens in de buurt van het Beerschot-stadium. De ander had net zijn intrek genomen in het aanpalende studio en had niets, nada van meubels. “Hij leeft op de grond, meneer.”
Van Bulgaarse komaf, maar een vlot mondje Antwerps brabbelend. “Een mens moet werken, meneer want anders heeft hij geen geld en kan hij niks doen.” Basic knowledge. Een brok vol energie. En goedgemutstheid.
Succes jongens. (met jullie leven, maar dat voeg ik er niet aan toe).
Inmiddels is alles dus weg uit de “vitrine” en staat de leefruimte vol met een gedemonteerde kleerkast, bed-kader en boudoir. We maken de kelder leeg, en demonteren een aantal rekken.
Een hoofd komt piepen. In Nederlands, met een Duits accent vraagt een vriendelijke mid-twintiger of er nog iets ‘gratis’ is.
Kom binnen en kijk wat we in aanbieding hebben.
Het interesseert hem. Alles. Maar zijn vader is de Ramadan gaan vieren in Bosnië met zijn wagen, en dus heeft hij geen vervoer.
Omdat het huis leeg moet, beslis ik alles te leveren.
Vier keer rijd ik over en weer, amper 700 meter ver. Dan weer zit hij vooraan, dan achteraan om het glas en de spiegel vast te houden, dan plakt zijn hoofd zowat tegen de voorruit omdat de stoel helemaal naar voren moest. Tijdens een van de ritjes moeten we wachten op Turkse Antwerpenaars die ingestapt zijn, maar niet onmiddellijk doorrijden. “Die zijn hun joints aan het rollen”, foetert hij.
Via een garagepoort komen we op een binnenkoer, met vier spelende kinderen. Drie zijn van hem, zijn oudste zoon (8) is mee met zijn vader en zijn vrouw verwacht een vijfde kind. Hij verwijst naar koning Filip. Die heeft er ook vier.
Ja, maar die is geen handelaar in tweedehandsauto’s, zoals deze 25-jarige Bosniër die in Duitsland is geboren, daarom twee moedertalen heeft, en momenteel ook de gevolgen voelt van de crisis, al heeft hij een diploma dakwerker, maar de uitoefening van dat beroep vindt hij te gevaarlijk.
Zijn vrouw brengt plat water. Nederlands kan ze niet. Zijn kinderen (8-6-4) lopen school. In een poussette zit er nog eentje van 2. Twee dochters en twee zonen. Wat het vijfde wordt, weten ze nog niet.
Ik vraag of ik mijn handen mag wassen. Hij neemt me mee doorheen hun flat. Ruim, alles opgestapeld, hygiëne meer dan oké, maar dra te benauwd voor 5 ravottende gozers. Een heleboel matrassen liggen op de grond. De meubels zullen van pas komen.
Omdat de lavabo zwart wordt tijdens het wassen van mijn handen, veeg ik die proper. Niet doen, zegt hij. Mijn vrouw doet dat. Ik glimlach en schud. Nee hoor, dat hoeft zij helemaal niet te doen. Hij geeft me een verse handdoek.
Of hij echt niks moet betalen? Nee. Als mijn moeder hulp nodig heeft, dan moet ik het laten weten. Zijn vrouw is de hele dag thuis en kan makkelijk boodschappen voor haar doen. Gratis. Ik apprecieer de geste.
Bij het wegrijden geeft elk kind mij een high five. De zesjarige (Mazdan) voegt er een pink aan toe: “Pink, stink” en hij schatert.
Een uur later staan Yolan en ik in een leeg huis. Spullenhulp of De Kringloop hoef ik niet te bellen. Alles wat nog weg moet, is netjes in de koffer geborgen.
Mijn moeder (het is haar huis dat te koop stond en dus leeg moest) is tevreden als ze hoort dat haar oude spulletjes die ze niet meer nodig had op haar flatje, een goede bestemming kregen.
Dat zijn wel allemaal vriendelijke mensen. En niet van hier.
Jawel ma, die zijn wel van hier. Kom, we gaan een ijsje eten.
Als we buiten stappen, raapt ze een papiertje op. “Ze geven naar ’t schijnt boetes als ge iets op de grond smijt”.
Ach, vroeger kwamen ze de gaslantaarns aansteken, vandaag schrijven ze liever gasbonnetjes. Waar je in de jaren 70 en 80 zonder problemen meubeltjes op straat kon zetten, is dat vandaag gekanaliseerd via ophaaldiensten. Maar uiteindelijk –met of zonder boete- heb ik bereikt wat ik wou: zij die iets van doen hebben, helpen en tegelijk op een halve dag mijn ouderlijk
huis leeg maken.

’t Stad: het was weer heel even van mij. En van zij die mijn pad kruisten.

Advertenties
 
Een reactie plaatsen

Geplaatst door op 30 juli 2013 in bio, maatschappij

 

Cultureel ongenoegen

Cultureel protectionisme weegt zwaar door bij autochtonen, in hun houding jegens allochtonen. Meer nog dan het eventuele verlies van jobs aan migranten. Ook in gebieden waar weinig migranten zijn, is dat cultureel protectionisme belangrijk. Het cultureel ongenoegen is dus groter dan het sociale ongenoegen. Daarom dat populistische partijen (die inspelen op identiteit en eigenheid, ook al betreft het een romantisch historisch fout beeld van wat de culturele identiteit ooit geweest zou zijn) sneller groeien dan socialistische partijen die de kaart trekken van de kleine man die zijn job dreigt te verliezen.


1989 is een scharniermoment omdat de natiestaten niet langer in staat zijn de globalisering in te bedden in culturele eigenheden.
De territoriale grondslag van onze democratische instellingen is achterhaald. Wanneer 80% van de wetten Europees zijn, is het ronduit belachelijk en bedrieglijk om meer dan 80% van de zendtijd aan lokale (Vlaamse) politici te geven. Dat creëert navelstaarderij, maar ook veel onvrede want alle geleuter lost natuurlijk niets op omdat beslissingen elders worden genomen. De particratie holt zichzelf uit en in de plaats nemen nieuwe netwerken een plaats in. Een model waarbij men zich bindt aan een werkgever (en dus diens belangen verdedigt bv. op het vlak van loonlastenvermindering en dus corporatistisch denkt) installeert zich.

In Vlaanderen herbergt (sic) NVA een aantal van die ‘netwerken’ en belangengroepen en geeft het gevoel als een kloek een systeem te kunnen uitwerken dat geborgenheid biedt t.o.v. de niet beheersbare globalisering. Dit is duidelijk een nieuwe vorm van solidariteit, niet met de zwakkeren maar wel op basis van meritocratie en ondergeschikt aan een marktlogica en het ermee samenhangende cynisme.


De culturele onvrede (omwille van een machteloze natie en dito klassieke partijen) werd eerst afgereageerd jegens migranten (vandaar o.a. het succes van Vlaams Blok, Vlaams Belang) en vandaag wordt dit anti-verhaal gerecupereerd door NVA die een post-politiek no nonsense model voorschotelt dat op gebiedende wijze korte metten wil maken met de stuurloosheid van de klassieke bewindslieden.


Qua perceptie is De Wever de Morsi van Vlaanderen. Na enkele rondjes bezuinigen én het op een pedestal zetten van een zgn. Vlaamse identiteit (waaraan iedere migrant/allochtoon zich dient te spiegelen) zal het van een heroplevende economie afhangen of hij langer dan Morsi in het zadel zal blijven. M.a.w. hij heeft het evenmin in de hand.

 
Een reactie plaatsen

Geplaatst door op 3 juli 2013 in maatschappij

 
  • Archief

  • juli 2013
    M D W D V Z Z
    « Jun   Sep »
    1234567
    891011121314
    15161718192021
    22232425262728
    293031  
  •