RSS

Dagelijks archief: 18 december 2009

De mens stelt niets voor, maar juist daarom is hij essentieel.

Voor wie betekent de mens niets? Voor de kosmos. Want die bestaat uit zielloze materie, koelt steeds sneller af (=entropie, d.w.z. alles wat bestaat aan materie is bezig op te branden en te sterven, terwijl koelt het af) en tijdens dit proces (dat nu al 13 miljard jaar bezig is) zijn er her en der planeten rond sterren die gedurende een korte periode van hun bestaan (de aarde bestaat 4,7 miljard jaar) leven herbergen. Dit leven evolueert, soms overleven soorten maar zeker is dat alles ooit uitsterft. En in sommige gevallen, in bepaalde perioden in het bestaan van sommige planeten, is in het overlevingsproces intelligentie het beste wapen voor een soort (ten tijde van de dino’s was intelligentie niet het beste wapen om als soort te overleven. Gelukkig viel een komeet op aarde anders had jij dit niet zitten lezen). In onze contreien leven we gemiddeld 75 jaar (vrouwen iets langer), en dat is dus belachelijk kort op kosmische schaal. M.a.w. de kosmos ligt niet wakker van ons.  En wij ook niet van de kosmos, maar wel van onze biotoop (op onze eigen planeet). Daar zegt de kosmos van: doe maar. Als de biotoop wijzigt (door vulkaanuitbarstingen, door komeetinslagen, door CO2-verbrandingen,…) dan zal het leven schoksgewijs evolueren; sommige soorten sterven, anderen zullen beter aangepast zijn. Sommige soorten zullen decimeren, anderen zullen woekeren. Er zit een logica in de kosmos, maar géén moraal noch ethiek (tenzij dan dat sadisme niet nodig is, maar mededogen is evenmin aan de orde -zie sterren die planeten opslorpen, zwarte gaten die materie opzuigen en gehandicapte zebra’s die geofferd worden aan predators).

Wij zijn een toevalligheid die enkele seconden zullen bestaan t.o.v. de tijd dat het universum zal bestaan (want ooit zullen alle sterrenstelsels (dus sterren) uitdoven en houdt het universum zoals we dat nu kennen op te bestaan). Tegelijk zijn wij op deze planeet als zoogdieren intellectueel het meest geëvolueerd en hebben het grootste zelfbewustzijn, én ook de meeste inzichten in het leven. Wij stellen ons als enigen (op deze planeet, niet in de kosmos want daar zal ongetwijfeld heel wat leven met zelfbewustzijn bestaan) vragen over bv. de zin van ons bestaan. Wij hebben ook een bewuste tijdservaring (wij beseffen ten volle de eindigheid van elk leven). Let wel, er zijn nog zoogdieren die verdriet en liefde en genegenheid kennen. En misschien ook een besef i.v.m. sterven, want als zoogdieren troost zoeken bij mekaar en rouwen, dan kan het zijn dat ook in hen een stemmetje (zoals het stemmetje dat nu deze tekst leest) bestaat. Alleen weten wij van onszelf dat wij kunnen zeggen: ik heb een zelfbewustzijn. Vraag is of andere zoogdieren dat ook doen. We don’t know.

Wij zijn dus door onze kennis (en vraagstellingen) anders, en omdat we bewust in het leven staan vinden we ons leven ook waardevol (of onvoldoende waardevol, en dan dreigt zelfmoord). Dus als men de analyse beperkt houdt tot de dimensie van onze biotoop op onze planeet, is het antwoord: elk moment is heilig! Elk gesprek dat je voert, elk stuk brood dat je eet, elke glimlach die je oproept, elke reis die je maakt, elke tekst die je leest, elke douche die je neemt… het zijn sacrale momenten want ze zijn sowieso beperkt in de tijd. Hoeveel uren heb je nog te leven? Hoeveel films zal je nog zien? Hoeveel orgasmen zal je nog hebben? Voor de kosmos is dat allemaal futiel, maar voor ons zijn dat fundamentele opeenstapelingen van momenten. Hoe langer we leven, hoe minder tijd we hebben, en dus vanaf het ogenblik dat we ten volle beseffen dat ons eigen ik aan het uitbollen is (het leven begint op 40 wordt wel eens gezegd) des te gulziger we worden. Gulzig naar ervaringen. Benieuwd naar wat er nog te beleven valt. Steeds meer relativerender (“het zal zijn tijd wel hebben”), behalve als het om issues gaat die we wél belangrijk genoeg vinden om voor op tafel te kloppen (want juist omdat het leven zo futiel kort en eindig is, kunnen we bepaalde dingen niet aanvaarden).  Natuurlijk verschilt dat van mens tot mens. In het licht van ziektes als aids en kanker (het moet maar in je lichaam woekeren!) of teveel fijn stof in Vlaanderen dat ons leven met een jaar verkort, is klagen over een hotelkamer met verstopte douche belachelijk. Maar als je twee jaar spaart om eindelijk op reis te gaan, en je hotelkamer valt tegen, dan is dat plots voor sommigen wél de moeite om belangrijk te vinden. Dit voorbeeld uit de mensenwereld kan je dus ook toepassen op de kosmos.
De mens is echter in geen enkel opzicht het begin van het bestaan. Scheppingsverhalen laten dat zo uitschijnen, maar filosofisch en natuurwetenschappelijk gezien zijn wij een product van de evolutie die na 13 miljard jaar kwamen piepen en binnen enkele (tientallen) eeuwen ook weer zullen verdwijnen. Bv. omdat de dampkring van de aarde dusdanig wijzigt, dat we aan onze verslaving (aan zuurstof en stikstof) ten onder gaan.

Op zich kan elk individu zeggen: mijn geschiedenis begint bij mijn geboorte. Maar de geschiedenis van de mensheid is al twee miljoen jaar bezig. En de geschiedenis van het zonnestelsel 4.7 miljard jaar.
Er zijn religieus georiënteerde mensen die de mens als een eindproduct zien van de evolutie, een soort climax. Een half gelukte, half mislukte climax want we presteren fantastische dingen maar ook heel wat gruwel. Deze gedachtegang is echter des mensen en zit zeker niet ingebakken in de natuurlogica. De natuur (de kosmos) heeft geen doel. Live and let live. Het is wel fascinerend te beseffen dat in de kosmos (een uitdijende zee vol zielloze materie) leven als het onze kan groeien.  Daardoor is het logisch dat we zoveel belang hechten aan genot, aan vrede en zolang mogelijk gezond willen actief in het leven staan. Zie de aarde als een pretpark waarin we opgesloten zitten. We willen zoveel mogelijk attracties ervaren. Dus willen we ook onze eigen moraal ontwikkelen; een moraal die zich niet neerlegt bij regels die opgelegd worden door kerk, vorst en vaderland (en die elk individu een rol geeft). We willen exploreren, vrijheid ervaren, risico’s nemen; we noemen ons een individu (iets wat een vrij recent fenomeen is). We willen de zwaartekracht overwinnen en astronaut spelen, we willen andere planeten gaan bevolken en onze soort langer laten bestaan dan wat de aarde in petto heeft; we zoeken actief naar signalen van andere beschavingen, elders in ons melkwegstelsel, want in dat opzicht zijn we eenzaam.

We zijn dus broos, futiel, lachwekkend op kosmische schaal. Maar hoe groter dat besef, hoe belangrijker elke dag op aarde wordt. We zijn niet het begin. We zijn onderdeel van het Grote Verdwijnen van alle materie. We zijn getuigen van het universum, én van ons eigen leven. Het is boeiender om geboren te worden als homo sapiens sapiens dan als een plutoniumkern, een wolk of een bij (behalve voor een plutoniumkern, een wolk of een bij want die kennen niks anders). Maar er is geen einddoel; er is ons geen zingeving opgelegd; we zijn vrij zelf ons leven in te vullen (binnen fysieke beperkingen). Dat is uniek (tot de dag dat we contact hebben met een andere beschaving) maar dat is niet voldoende om de mensheid eeuwig te laten bestaan. We zijn een boeiende toevalligheid. In de kosmos stellen we niet veel voor, maar dat besef is wel waardevol want het stelt ons in staat onnodig lijden te verwerpen; het leidt tot wederzijds begrip en relativering waardoor ons korte leven aangenamer kan worden.

Het ontslaat ons niet van een aantal keuzes. Je zou kunnen zeggen:omdat het leven op kosmische schaal futiel is, trek ik me niks aan van mijn medemens, noch van de ecologische problemen. Ik consumeer, ik geniet, ik gedraag me egoïstisch. Als ik het vliegtuig wil nemen, dan doe ik dat want elke reis die ik maak, maakt mijn leven rijker. Pech voor de ecologische voetafdruk. Ja, dat is een vaak voorkomende levenshouding in rijke culturen. Want er is geen god die me zal straffen en in het aanschijn van het universum maakt het niks uit of de aarde opwarmt of niet. Het grootste deel van de tijd dat er mensen op aarde rondliepen, was slechts een kleine elite in staat vrije tijd en genot te ervaren. Vandaag zijn we met zovelen die willen genieten (consumeren,…) dat de aarde (of het nu door ons toedoen komt of niet, is bijzaak) er niet voor zal kunnen zorgen dat iedereen zo’n levensstijl heeft. Dus is de vraag misschien: geven we aan een kleine groep het recht zeer comfortabel te leven en proberen we iedereen met een gemiddelde rijkdom te laten leven? Voor het universum maakt het niks uit. We hebben  een voedselpakket ter beschikking (het vruchtgebruik van de aarde) en we hebben ook het besef dat een en ander scheef groeit (omdat we met tevelen zijn en aan roofbouw doen). We zitten alleen op onze aardbol. We kunnen ten strijde trekken en middels oorlogen rijkdommen afpakken en zo de overbevolking aanpakken. Zo doen dieren het. Want het is natuurlijk niet correct om als kikker een kroost te willen opvoeden en dan door een reiger als ontbijt te worden ingeslokken. Toch is dat de logica van de natuur en het nationalisme (en de oorlogen, ook omwille godsdiensten of grondstoffen) schrijven zich in binnen die survival of the fittest.
We kunnen het ook op  een andere manier aanpakken. Misschien is dat het moment waarop de geschiedenis pas echt van start zal gaan?

Advertenties
 
3 reacties

Geplaatst door op 18 december 2009 in ethiek, filosofie, kosmos

 

Wij zijn allemaal verslaafd

Verslaving is nuttig. Verslaving is als mechanisme ingebakken in ons leven. Ook jij bent verslaafd. En gelukkig maar. Want als je het niet zou zijn, je zou nu geen tijd hebben om deze tekst te lezen want je zou op zoek zijn naar energie, om in leven te blijven. Ik heb het natuurlijk over ademen. Wij zijn verslaafd aan stikstof-zuurstofmengeling. De lucht die we inademen. En waardoor we een brandstof voor energie  binnentrekken die door ons lichaam gebruikt wordt om bv. ons hart te laten pompen en onze hersenen te laten functioneren.
Stel dat we niet verslaafd zouden zijn? We zouden constant alert op zoek gaan naar dergelijke energiebron. Of we zouden de meeste tijd lusteloos liggen. Dus de natuur heeft zich dusdanig ontwikkeld dat alles wat leeft energie op een makkelijke manier (bv. ademend) kan onttrekken aan de omgeving. En in plaats van steeds te moeten alert (nadenkend) tegen onszelf te zeggen: nu moet ik ademen… en nu ook… en nu ook… is er het verslavingsfenomeen dat een combinatie is van het tot ons nemen (van een substantie) op constante basis (waardoor we in dit geval constant alert zijn) en een automatisme (we moeten gelukkig niet nadenken als we ademen waardoor het ons niet hindert in onze actie).

We zijn dus op verslavende wijze afhankelijk van producten en acties, en dat is soms zeer positief. Maar natuurlijk kan verslaving ook negatief zijn. Denk maar aan nicotineverslaving. Zelf produceren we ook nicotine en dat is levensnoodzakelijk. We voelen ons goed bij nicotineopstootjes in onze hersenen. Alleen gaat ons genotscentrum ons parten spelen. Wat we fijn vinden, onthouden we. Meer zelfs, we gaan het opnieuw opzoeken. Genot is een drive in ons handelen. En dus gaan rokers al snel gewenning ervaren wanneer ze nicotine inhaleren. Ze ervaren genot en ze willen dat steeds opnieuw. En zeg nu zelf, je moet er niet veel moeite voor doen: even een sigaret aansteken en een trekje doen, en hop, daar is het plezier. Daardoor gaan onze hersentjes ingesteld geraken op grotere hoeveelheden van (in dit geval) nicotine (vervang nicotine gerust door heroïne of cocaïne of xtc, whatever). En dan ontstaat een strijd tussen ons verstand dat zegt: niet goed bezig met al die stoffen zo extreem veel tot ons te nemen en onze genotszone die zegt: doe verder, het is aangenaam. We noemen dit cognitieve dissonantie.

Dus is de volgende vraag: waarom is er genot? Omdat het een drive is, een motor tot handelen. Seksueel genot zal leiden tot voortplanting, en dat is wat onze genen willen: verder blijven leven in een nieuwe generatie. Genot is dus een tactiek van de natuur om ons aan te zetten tot diverse acties. Dankzij genot, bv. lust in zoetigheden, zullen we soms op gevaar van gestoken te worden honing stelen in een bijennest hoog in de bomen. Zonder dat genot zouden we eerder een makkelijkere voedselbron zoeken. Eten is op zich ook gebaseerd op genot want het stilt een ellendig gevoel: honger.
Een paringsritueel tussen twee dieren (incluis een menselijk koppeltje) is een combinatie van strijd en eigen genot. En daardoor wordt de voortplanting waarschijnlijk verzekerd.

Maar in de natuur moet je dus ook de keerzijde van de medaille er bij nemen. Je moet jezelf af en toe afremmen want genot werkt verslavend. En uiteindelijk kan dat desastreus zijn. Voor de natuur is dat jammer, maar geen ramp. Want als iemand alcoholist wordt, dan wil dat zeggen dat hij zijn goesting in alcohol niet kon temperen. Dit is deels sterker dan hemzelf. Genetisch zit hij zo in mekaar dat zijn wilskracht niet kan optornen tegen zijn genotzucht. Zijn hersentjes functioneren iets anders dan bij een gelegenheidsdrinker. Maar als zijn hersenen geen rem zetten op de drang tot genot, dan zal dat misschien ook zo doorgegeven worden aan het nageslacht. Dus voor de natuur is het soms beter dat een alcoholicus sterft, zo is de kans kleiner dan de genetische afwijking die leidt tot een disharmonisch gedrag (wat alcoholverslaving is) doorgegeven wordt aan volgende generaties.

Hebzucht is een overlevingsdrift, zowel voor onszelf (als individu), als voor ons nageslacht. Ik bescherm mijn gezin, en in onze maatschappij wil dat zeggen: ik zorg dat mijn kinderen kunnen studeren, veel comfort hebben en zich op volwassenen leeftijd comfortabel kunnen settelen, dus moet ik zelf zoveel mogelijk geld en netwerken zien te hebben, dus kan ik maar best zelfzuchtig en hebzuchtig zijn. Let wel: soms kan men juist gul en vrijgevig of symbiotisch zijn, omdat dit een betere strategie is om het doel van goede nakomelingen te bekomen. Als mijn huis op het punt staat af te branden, kan ik beter het huis van mijn buren dat in brand staat, mee blussen, dan red ik misschien het mijne.
Maar ook hier geldt dat er een keerzijde aan de medaille is. Te veel hebzucht (bv. tegenover de planeet aarde) kan tot desastreuze gevolgen leiden.

De natuur heeft een logica en daarin verwerkt zit de bult en de buil, d.w.z. er is vaak een keerzijde; een gevaar dat om het hoekje gluurt. Zoals rijden met een wagen. Je kan tegen 30km/uur voor een schoolgebouw passeren.  Maar je kan ook het gaspedaal induwen en drie keer zo snel voorbijflitsen. In dit geval zullen we het hebben over verantwoordelijk zijn voor ons eigen gedrag. En ja, je kan makkelijk je voet in bedwang houden en je aan de snelheidsbeperking houden. Maar wat als je gehaast bent? Dan zal je snel een massa mensen hebben die zonder scrupule sneller gaan rijden, ook voor een schoolgebouw. In dat geval is het niet hun genotszone die hen drijft, maar eerder het niet willen gestraft worden wanneer ze te laat op een afspraak komen (wat indirect toch weer met genot te maken heeft).

In ons hoofd zijn dus steeds diverse zones tegelijk aan het werk. Soms kunnen we die mooi in evenwicht houden, soms ook niet. Dat heeft te maken met hoe bepaalde stoffen inwerken; met “autostrades” in onze hersenwerkingen die in feite gewoontes zijn en die al snel een voorkeursbehandeling krijgen. Wanneer we dus geregeld eenzelfde gedrag hebben, zal dat als de norm worden ervaren en zullen we als eerste reflex die handeling ook willen uitvoeren. Het is oké om zuurstof in te ademen, dus ademen we maar de hele tijd. Onze hersenen zijn er volledig op ingesteld want als we onder water duiken gaan we al snel panikeren. Dat kunnen we afleren door te oefenen. Op dat ogenblik trainen we onze hersenen en zeggen we a.h.w.: rustig, ik kan twee minuten onder water zonder risico. We zullen dan ontspannen. Afkicken van een verslaving wil dus zeggen die autostrades (der gewoonten) in onze hersenen opbreken en nieuwe (gezondere) gewoontes in de plaats aanleren waardoor die de norm worden.

Zou het niet makkelijker zijn moesten we onze hersenen met ons verstandelijk vermogen kunnen controleren en dus op die manier de wellust en de negatieve verslavingen kunnen tegenhouden? Ja zeker, maar helaas zijn wij als soort niet op die manier geëvolueerd. Meer zelfs, het is niet zo dat wij gemaakt zijn door een creator (zoals een kunstenaar een beeldhouwwerk maakt of een informaticus software schrijft). Nee, wij zijn geëvoluerd met vallen en opstaan; dwz met ons aan te passen aan nieuwe situaties terwijl we de oude gewoontes ook nog behielden. En vandaar dat we dus moeten leren leven met contradicties in ons hoofd.
Een en ander heeft natuurlijk te maken met de chemische subsanties die tegen mekaar in werken in ons hoofd. Voor technische details verwijs ik naar de links. Je vindt er o.a. uitleg over dopamine.

Verslaving, hebzucht en genot zijn dus nuttig. Maar teveel kan nefast zijn.
Misschien interesseert het je te weten dat dit een van de vragen is die de wetenschappers die bezig zijn met het bouwen van transhumane wezens (robotten met gevoelens en een eigen wil) zich stellen. Want we kunnen robotten maken zonder gevoelens (en dus zonder genot en risico op verslaving), maar wordt het leven dan niet erg saai? Ideaal zou zijn om zelf ons genot te dimmen (of uit te schakelen) als het een negatieve rol speelt (bv. bij alcoholverslaving) en anderzijds het juist op te roepen wanneer we bv. een mooi landschap zien of een kunstwerk. Ooit zal dat mogelijk zijn. Maar dan zal ik ook jouw genotservaring kunnen opzetten of afzetten. En dat kan dan weer leiden tot andere problemen…

Meer info

How addiction works

Addiction as a ‘Brain Disease’

Artikels over hebzucht

 
Een reactie plaatsen

Geplaatst door op 18 december 2009 in filosofie, maatschappij, science, technologie

 
  • Archief

  • december 2009
    M D W D V Z Z
    « Nov   Feb »
     123456
    78910111213
    14151617181920
    21222324252627
    28293031  
  • Advertenties