RSS

Maandelijks archief: december 2006

Vijf dingen over mezelf

Of ik vijf dingen over mezelf zou willen vertellen, vroeg Tim (student 3PR aan de Xios-hogeschool, waar ik les geef). Vertelsels die hem meer over me doen beseffen.

Ik bedenk dat het ook vijf dingen zouden kunnen zijn die ik niet eens aan mezelf zou willen vertellen… Maar dat zal ik hem en jullie besparen.

Loper
Ik ben een loper. Ik verplaats me graag. Gezwind, maar liefst niet te lang tegen wind in. Afzien tijdens sporten is voor de dommen en degenen die teveel testosteron in hun lijf hebben. En het is bovendien ongezond. (Ik ben overigens gevoelig voor stormwinden; ze dringen mijn slaap binnen.)

Ik hou niet van asfaltjeannetten, je weet wel van die kuddelopers die 20km door straten sloffen. Een loper moet bosgrond voelen, over takken springen en tussen plassen laveren, elk moment zijn zool voelen wegglippen en everzwijnen opjagen waarbij het gedreun van die kolossen luider klinkt dan de schriele passen van mijn Adidassen. I do it my way, cher Nike.

Ik loop regelmatig met de ogen dicht. Mijn voeten voelen de grond en dragen me met lichte zweeftred. Lopen is dan een fysieke ervaring. Tegelijk is het meditatie en achteraf geeft het een goede geest-lichaamservaring. It makes me high in a natural way.

Ook achter het stuur, over een autostrade schuivend, sluit ik regelmatig even de ogen en focus me op de intuïtieve oriëntatie. Een korte, intense ervaring. Ik open mijn ogen even snel als de kolibri van hersengebied wisselt (wakker-slapend-wakker-slapend).

Op gekende wegen zonder verlichtingspalen draai ik alle lampen uit en rijd op het lichtschijnsel van de maan of de bliksemschicht aan de einder. Vooral het moment dat de lichten uitgaan en mijn ogen nog niet gewend zijn aan de duisternis, geven een kick. Mijn kinderen zijn er dol op om a.h.w. overgelaten te zijn aan die zwarte kosmische slokop die als een beklemmende omarming je even een blinde chauffeur doet zijn.

Lievelingsletter
Drie zonen heb ik en elk van hen heeft een voornaam met de letter Y.
Y zou je dus mijn lievelingsletter kunnen noemen. Nee, niet om het mannelijke chromosoom; bah. (Mannen zijn door de band redelijk onredelijke wezens met vaak ongenuanceerde hormoonspiegels; een neutrale manier om te zeggen: door adrenaline opgepepte, en serotonine opgefokte lijven die strijden.)
Mijn zonen zouden kunnen heten: Yssgadril (mag het ietwat heidens zijn), Yahweh (bescheiden kereltje) en Yaris (moest de inspiratie op zijn- wat gelukkig nooit het geval is).

Moest ik dochters hebben gehad, ze zouden natuurlijk Xantyppe en Xios heten (al zou die laatste een chaotisch schizoïde indruk laten).

In feite luisteren mijn kinderen naar de namen Yeele, Yolan en Yinez. Telkens Vijf letters. Ye, Yo, Yi. Drie keer dezelfde initialen (beter dan de mijne: WC). Zo blijven ze hun hele leven aan hun ouders denken, ook als die er niet meer zijn. Want ze zullen wel regelmatig moeten uitleggen waarom ze zulke voornamen hebben. Evenveel letters als de voornamen van hun ouders. In mekaar gepuzzeld. En als je de eerste letter op z’n Engels uitspreekt, heb je meteen een filosofische vraagstelling.

Kosmos
En dat brengt ons bij het antwoord op whY: het filosofisch en wetenschappelijk inzicht.
Wetenschap is de boeiendste soap die de mens kon overkomen. Als een van de founding fathers van de Vlaamse soapseries, mag ik dat zeggen.

De kosmos is mijn leven binnengedrongen toen ik 14 was. Twee jaar later organiseerde ik met andere jongeren een tentoonstelling waarvoor ik een uurdurende diavoorstelling in mekaar stak en de geschiedenis van de ruimtevaart als de structuur van heelal, zon en planetenstelsel uit de doeken deed. Er waren volwassenen die tweemaal kwamen kijken omdat ze alles in zich wilden opnemen.

Het kosmisch bewustzijn heeft me nooit meer losgelaten. Het deed me het menselijke bestaan relativeren. 75 jaar op deze aardkloot rondhuppelen is een seconde in het bestaan van het universum. Maar tegelijk wordt elke onrechtvaardigheid onaanvaardbaar want voor elke mens geldt: je tijd dringt. Elke dag dat een asielzoeker zinledig zit te wachten… is een dag teveel. Elk wezen dat onmenselijk behandeld wordt, moet uit naam van het kosmisch bewustzijn onmiddellijk een rechtzetting eisen. In combinatie met ethiek, marxisme, anarchisme en filosofisch nihilisme heb je al snel een rijk wereldbeeld dat mijn studententijd kenmerkte. Ik heb geen behoefte aan god. En nog minder aan bijbels. Dat soort nep-zekerheden zijn me te saai (en onwaar). Geef mij maar de big bang, de moleculaire biologie, de neurotransmitters, het verschil tussen emoties en gevoelens, de dwaas, de drie hersenlagen en het verlangen naar nog meer raadsels. Zo blijft het bestaan een avontuur. Elk mens zou met een kosmisch bewustzijn in het leven moeten staan. En gepassioneerd zijn door wetenschap. Er zou veel minder egoïsme en machtsgeilheid, en veel meer humor en zelfrelativering zijn op deze planeet. Toen ik zeventien was ging ik naar de VUB een kijkje nemen op de faculteit wetenschappen. Ik aarzelde tussen astronomie studeren of geschiedenis. Maar het werd me duidelijk dat astronomen vooral berekeningen maken en slechts 1 week per jaar naar de hemel turen. Dat vond ik te weinig. Uiteindelijk ben ik politieke wetenschappen gaan studeren. Het inschrijvingsgeld ging verhoogd worden tot 10 000 BEF en dat vonden we ondemocratisch. Een jong mens leert dan kennismaken met de gummiknuppel, brandbommen en chargerende paarden.

De naakte keizer
1 mei is een magische datum. Mijn grootvader weigerde te gaan werken. Het was toen nog geen officiële feestdag. De rebel-vakbondsmilitant in hem was dapper genoeg om tegen de stroom in te gaan. Hij werkte in de Boomse steenbakkerijen en is door stoflongkanker gestorven. Tijdens zijn begrafenis (ik was 15) las ik het Communistisch Manifest. Mijn grootmoeder wou dat hij kerkelijk begraven werd. Uit respect voor de familie besloten mijn vader en ik een eredienst te laten plaatsvinden in de kerk. Maar zelf weigerden we naar voren te gaan om hosties of andere sacramente idiotieën te nuttigen of ondergaan. Dat noem ik nu democratisch in het leven staan. Je geeft de anderen wat ze willen (bijgelovige riten), maar respecteert door jezelf te blijven de geest van je grootvader.

Onze maatschappij heeft opnieuw nood aan rebellie. 1 mei is een luie zon-dag geworden. Een dag waarop ik wél werk, net als op kerstdag of pasen. Arbeiders zijn verkocht aan genotzucht en kiezen oprotpremies i.p.v. zelf de fabrieken draaiende te houden en collectief ondernemer te spelen. Ik kan ze geen ongelijk geven, maar als het consumptiecultuurtje zal instorten (respect voor de Kyoto-norm en globalisering van de economie zijn de oorzaken) zullen velen zwarte sneeuw zien. De filosofische leegte van hun bestaan zal niet meer ingevuld kunnen worden door consumptie. Ze zullen verarmen en uiteindelijk beseffen dat ze er fout aan gedaan hebben de maatschappij nooit in vraag te stellen, maar ze gelaten of te lankmoedig aanvaard te hebben. Slaafsheid, dociliteit, immobilisme en onbereidheid of onvermogen zich in te zetten voor een zaak kenmerken de moderne westerse mens. Ik beoordeel mensen niet op wat ze zeggen, maar op wat ze doen. Wie zich nestelt in een hiërarchisch lichaam moet bewijzen door handelingen dat hij/zij het verdient gerespecteerd te worden. Elke dag opnieuw maak je keuzes als mens. Neem ik de wagen of de trein? Verzet ik me tegen nalatigheid of laat ik betijen en voer een verrottingspolitiek? Kritiseer ik wat onaanvaardbaar is, of word ik cynisch? Met de jaren laat je misschien principes los, en richt je je op het haalbare, maar nooit mag je zwijgen en stoppen met analyseren en mensen –indien nodig- met de vinger te wijzen. Als de keizer naakt loopt en zijn entourage probeert hem te verkopen als de prachtigst aangeklede man, heb je die rebel, dat kleine ventje nodig die de dingen zegt zoals ze zijn. Dat uitgestoken vingertje, dat kritisch stemmetje, die dappere eenzaat die een spiegel durft voorhouden… die moet je altijd in de ander en in jezelf koesteren. Zoniet ben je meeloper. En meelopers worden gebruikt en misbruikt. En lopen pardoes met de hele troep het ravijn in.

Het kleine ventje in me dat de keizer ziet zoals ie is, maakt dat ik de ene keer theater speel met mensen om alternatieven door te duwen; een andere keer schrijf ik een scenario of maak ik kunst, omdat dit me dan de meest aangewezen expressievormen lijken, of kieper ik een tekst op mijn blog of leg een link naar een site waarop door anderen de juiste vragen gesteld worden.

De symbolische betekenis van 1 mei mag dan uitgehold zijn, ik probeer het elke dag 1 mei te laten zijn: een dag waarop je werkt, bouwt, bralt of brult aan/om een andere samenleving.

Art
Er is de dans die dronken maakt. Er zijn de contouren van het lichaam. De kleuren van geuren en de schemering waarin de creatie groeit. Er zijn woorden die enkel iets zeggen als ze betekenisloos zijn. Er is het tijdloze dat vastgelegd wordt in een painting en daardoor juist geschiedenis wordt. Als ik gedachten laat komen, ben ik niet de denker, maar degene die gedacht wordt. Als ik mezelf loslaat, lost mijn ik op. Maar ben ik meer dan ooit mezelf.

Soms is de magie weg. Hoe ouder je wordt, hoe meer je weet, hoe minder aha-erlebnissen je ondergaat. Je haalt het plezier uit kleine dingen (de vragen van je kind of je student, de aanschaf van een tajine, de penseelstreek of installatie van een kunstenaar, de reactie van een vriend of een collega…).

Kunst is een roes. Ik vertoef graag en vaak in musea en theaterzalen. Dolen langs paintings en beeldhouwwerken is als wandelen in natuurlandschappen: je komt er jezelf tegen maar bekeken door de bril van iemand anders. En als het werk je niet aanspreekt, kies je er gewoon een ander uit. Zappen door de kunstscene is als het afgaan van een menu in een restaurant. Je vindt altijd wel iets dat de moeite is. Behalve in de Burgerkings of op tv.

Sedert enkele dagen krijg ik beelden binnen op mijn tv-scherm via de Astrasatelliet. Geostationair hangt ze op 36 000 km hoogte gefixeerd boven het aardoppervlak en straalt voornamelijk rubbish door. TV had het knapste medium van onze beschaving kunnen zijn maar verhoudt zich tot kunst als Burgerking tot Comme chez soi.

Tv heeft de expressiviteit van de westerse mens verhoogd. Ja, er wordt veel meer geroepen en gesjouweld en iedereen denkt op de hoogte te zijn van vanalles. Maar wat heeft dat met expressie te maken? Als ik de lijven op het scherm zie bewegen, dan zijn de bewegingen stereotiep. Kabouter Plop, Samson, Sterrenslag, Songfestival, Top Whatever: dat ze de makers en kijkers ervan eens naar een moderne dansvoorstelling laten gaan. Een beproeving, I know. Dans met een kunstig sausje is als dat ene zinnetje dat je altijd bij de slager hoort: Mag het iets meer zijn? Ik volg zo’n 25 jaar de ontwikkelingen in dansland (ik herinner me het allereerste optreden van Anne Teresa De Keersmaeker in een piepklein Brussel zaaltje op balatum) en het betekenisloze van de lichaamstaal maakt me bij momenten dronken. Een nuchtere toestand, een roes voor de geest.

De marteling van Sterren op de Dansvloer, Bart Peters, VT4 of K3 ondergaan, kan ik enkel als ik stomdronken ben . En dat ben ik sedert mijn studententijd nooit meer.

En nu ga ik lopen. Niet in de Ardennen (waar ik 18 jaar gewoond heb) maar toch in Walenland waar ik nog altijd woon.

De fakkel van de “vijf dingen over mezelf wereldlijk te maken” geef ik door aan Raf.

Advertenties
 
2 reacties

Geplaatst door op 26 december 2006 in bio, filosofie, kosmos

 

Isabel Allende over de gevolgen van het Pinochet-regime

In Chile, where friendship and family are very important, something happened that can be explained only by the effect that fear has on the soul of a society. Betrayal and denunciation snuffed out many lives; all it took was an anonymous voice over the telephone for the badly named intelligence services to sink their claws into the accused, and, in many cases, nothing was ever heard of that person again. People were divided between those who backed the military government and those who opposed it; hatred, distrust, and fear poisoned relationships. Democracy was restored more than a decade ago, but that division can still be felt, even in the heart of many families.

The hard question is why at least one third of Chile’s total population backed the dictatorship, even though, for most, life wasn’t easy, and even adherents of the military government lived in fear. Repression was far-reaching, although there’s no doubt that the poor and the leftists suffered most. Everyone felt he was being spied on, no one could say that he was completely safe from the claws of the state. It is a fact that information was censored and brainwashing was the goal of a vigorous propaganda machine; it is also true that the opposition lost many years and a lot of blood before it could get organised. But none of this explains the dictator’s popularity.

Meer op Independant News

 
Een reactie plaatsen

Geplaatst door op 21 december 2006 in politiek

 

De identiteit voorbij (L’Union dérobé)

Vlaanderen roept haar eigen onafhankelijkheid uit. Men zou voor minder het verloop van een voorgeprogrammeerde televisieavond onderbreken. Na de fake (Ceci pourrait ne pas être une fiction) en onaangekondigde (dat maakt het natuurlijk sterker) nieuwsuitzending op RTBF (tussen haakjes: de enige zender in dit land die in haar naam nog naar dit koninkrijkje verwijst) stond politiek België op zijn achterste poten. Nochtans was het programma zelf een mélange van engagement (provoceer een publiek debat), angst (weeral een zekerheid die verdwijnen zal), droefheid (was het vroeger niet beter?) en een snuifje satire. Emotionele opwinding was ditmaal de vorm waarin de verslavende profileringdrang van het politieke establishment zich toonde. Hormonale opstoten waren de katalysator voor een gefingeerde verontwaardiging. Het gekakel en het opbod begon. En daar word ik dus moe van. En ik zal u kort uitleggen waarom.

Speakers Corner

België is ontstaan tijdens de uitvoering van “De Stomme van Portici” waarin de honger aangeklaagd werd (nu ja, aangeklaagd…) en een deel van het publiek het halfrond verliet en een opstand predikte (ik populariseer even gemakshalve). Vandaag zijn we eerder getuige van een vaudeville, en enkel componisten à la Mozart zijn in staat om daarin het dramatische niveau van een opera te leggen. De lieden die in dit land de diverse parlementaire halfronden bevolken komen niet tot aan de enkels van Wolfie en hadden er beter aan gedaan zich van de stomme te houden.

Blijkbaar heeft men in Belgenland behoefte aan een bune van waarop het startschot gegeven wordt. Soms mondt dit uit in een volkstoeloop (zogenaamde pré-revolutionaire omwentelingen die opduiken wanneer de financiële perikelen van velen de spuigaten uitlopen en tot wanhoop leiden), soms leidt het tot een collectieve bezinning (de reacties op de ongemakken van Boudewijn toen hij ambtshalve op morele gronden, weigerde de abortuswet te ondertekenen) of komt de geloofwaardigheid van de instellingen in het gedrang en spreekt men van een identiteitscrisis van het regime (de Witte Marsen).

Vandaag is het podium van de Munt vervangen door een beeldscherm van waaruit iemand of meerderen een oproep doen. TV-reportages zijn het equivalent van Speakers Corner (Londen). Maar met een miljoen toehoorders.

Is de heisa naar aanleiding van een fictieve nieuwsuitzending meer dan poppenkast voor volwassenen? Ik noem het eerder een staaltje van Virtuele Realiteit. Politici zijn, net als wijzelf, avatars geworden die een gespleten leven leiden en voor de camera’s andere standpunten innemen dan erachter. Dus waarom zou men die virtuele wereld niet doortrekken met een programma dat tegelijk de kracht van een docusoap heeft (zolang er op het scherm niet vermeld werd dat het fictie was, waanden vele kijkers zich in een extra nieuwsuitzending), én tegelijk is het quasi het tegenovergestelde van een docusoap, n.l. pure (onwaarschijnlijke) fictie. Immers, er staan ons geen Joegoslavische maar eerder Tsjechoslowaakse scenario’s te wachten bij een splitsing van België. Maar zover denken de meeste medeburgers niet. Ze laten zich liever lange tijd meedrijven op een emotionele impact. Wat hun goed recht is. Voorlopig toch nog.

Deze uitzending deed wat weinig kunst nog vermag: tienduizenden een emotie bezorgen! En laat me toe fijntjes op te merken dat er quasi nergens sprake was van satire: niemand werd door het slijk gehaald. Achteraf, ja, dan hebben de politici zichzelf belachelijk gemaakt. Zij hebben hun eigen satire gebracht, laat dat duidelijk zijn.
Verhofstadt likte de hielen van Albert II en de Brusselse beau monde. Dit vergroot zijn kansen op het premierschap van België, t.o.v. een semi-Flamingant als Leterme. Die laatste beheerst zijn talen wel beter dan de tandem Guy en Noël.
Al werden m.i. De Winter, De Wever en de onafhankelijkheid van Vlaanderen belachelijk gemaakt door hun epigonen zichzelf te laten zijn. Kunnen de makers niet aan doen, nee toch? Hier werd het wél ongetrukeerde docusoap.

TV is dus een pracht van een medium, net als Speakers Corn een tribune voor aan de (on)waarschijnlijkheid grenzende epistels, als aanzet tot reflexie en afbakening van identiteit. Zo’n impact kan enkel door bevlogen mensen bekomen worden.

De doorsnee Vlaming (en in mindere mate ook de Waal – vermits ik 20 jaar in Walenland woon, weet ik waarover ik het heb, poch ik dan aanstellerig) wenst echter niet dat tv hem of haar aanzet tot reflexie. Dat privé mini-bioscoopschermpje is een multimediaal ganzenbord, dat dient tot vertier, amusement en spelletjes. Een vijftal jaren geleden riep ene Rob Vanoudenhoven (tv-presentator van een “komisch” zondagavondprogramma) op om naar de Elisabethzaal van Antwerpen te komen en er het programma van die avond live bij te wonen. Na 1 uur bleek niet enkel de zaal bomvol te zitten, maar stond het volledige Astridplein (Centraal station) vol volk. Dat mag, dat wordt zelfs geapprecieerd, en is dus zogenaamd nuttig en aanvaardbaar gebruik van tv. Zielig, toch? Zoiets noemt men in geschiedenisboeken decadentie. En decadentie is de laatste fase van een beschaving, remember
(maar wie is er nog om zich iets te herinneren in een instant reday-made cultuur waar diepgang en verleden afgedaan worden als onnuttig en dépassé?).

(heb ik me toch weer even laten gaan)

Een loopgrachtenstaat

Een grap was het, en journalisten mogen dit soort uitzendingen wél maken. Ik zie het om te beginnen als een wraak van de media tegenover de luchtbel rond De Decker. Jean-Marie erin en er weer uit. Is dat geen grap met als protagonist iemand die nog nooit 1 euro belastinggeld in de hoedanigheid van minister heeft uitgegeven (en gelukkig maar, denk ik dan). Een lokale vaudeville op Vlaams niveau, die echter uitvergroot werd tot net geen staatszaak! En dat begrip is dus nu ook van toepassing op de RTBF-uitzending. Waarom? Omdat politici in de media willen komen omwille hun (niet-)handelen. Hadden ze hun mond gehouden en eens hard gelachen en de uitzending afgedaan als studentikoos knip- en plakwerk, een melange van feiten en fictie, een goed ridderverhaal à la Robin Hood of Jaws dat niet strookt met de waarheid en net als vele andere moderne fabels door wetenschappers naar de prullenmand worden verwezen, maar tegelijk wel een publiek kunnen boeien door de gevoelsmatige spanningsboog…, eenieder was er beter door geworden. Maar nee, ze moesten zonodig hun tongspieren laten rollen.

En dus gebruikten we met ons allen deze identiteitsbevraging om een mening te ventileren en ons hart te luchten (begrijp: onze emoties de vrije loop te laten) om dan positie in te nemen. Stellingenoorlog. De West-Vlaamse loopgrachten. De overstroomde Ijzervlakte. Yves uit Ypres (al mag je dat nu ook al niet meer zeggen: gemeenten op Vlaamse bodem dienen nog enkel met hun Vlaamse naam benoemd te worden).

Er kwam een politieke reactie van Yves en uit angst buiten spel te staan in de onderhandelingen, eiste Elio (als minister-president van de Waalse Raad) het vergroten van (Franstalig) Brussel.

Ja, langs Franstalige zijde staan er drie verschillende overheidsorganen tegenover de Vlaamse Regering. Een Waalse Raad die territoriaal gebonden is; een Gemeenschap die ook in Brussel actief is en met verve de culturele identiteit beklemtoont van een samenleving die een permanente ader heeft met Parijs (en dat is nog altijd een hogere divisie dan Amsterdam, waar sommige Vlamingen hun mosterd halen, al brengen die Ollanders, concubine zijnde van Londen en vazal van de Noord-Amerikaanse consumptiementaliteit, een Angelsaksische touche aan ons Bourgondisch levenspatroon) en Brussel. Deze derde macht van het Francofone Front is op zich ook weer opgesplitst in een Brusselse Gewestregering, veel te veel burgemeesters en dus een stukje van de Franstalige Gemeenschap die bevoegd is voor de meeste essentiële verzuchtingen en behoeften van mensen (taal, ontspanning, onderwijs,…).

En wat zegt de Waal in mijn gemeente? Dat de Vlamingen verdomd rijker zijn. En als ze tegen hen in het strijdveld moeten komen, merken ze een ingesteldheid waarbij sneller op de bal wordt gespeeld en de inzet overtuigender overkomt. Onderhuids wroet een minderwaardigheidsgevoel bij de landgenoot die beseft dat zijn media en zijn taal zuidwaarts, eerder dan noordwaarts is ingeplant en dat men daarom beter aparte wegen gaat, maar met zoveel mogelijk financiële middelen. En dus stippelen de Franstalige krachten een eigen weg uit waarbij ze zo opportunistisch mogelijk handelen en zoveel als kan willen binnen rijven. Dat hebben ze alvast geleerd van de Vlamingen.

Wiens geluk (dat van de Vlaming) ‘em niet enkel ligt in het economisch gegeven dat hij materieel gesproken rijker is en momenteel een voorsprong heeft (spiritueel zou ik niet op hem willen inzetten); maar ook in de verdeeldheid van de Franstalige overheden. Elk moet op zijn terrein vechten tegen een Vlaamse gesprekspartner, die vanuit een octopus-dynamiek zich meet met drie aparte overgroeide homunculi die elk uiteindelijk aan zichzelf zal denken, compromissen sluit en zonder scrupules een andere Franstalige overheid in de kou laat staan, in ruil zelf meer te bekomen van die verdomd machtige Flamands.

Waar in het verleden de federale overheid (regering en parlement) de motor van de staatshervorming was, zijn het vandaag de gewesten die onderling de krijtlijnen uitzetten.

Verhofstadt staat er middenin. Als vertegenwoordiger van de Belgische belangen. Noch Vlaams, noch Waals. Gespleten, en daarom zichzelf op de voorgrond manifesterend.

Besluit: door de te complexe staatsstructuur van België, is er niemand die nog de touwtjes in handen heeft. Op zich misschien een dam tegen een autoritair regime, maar als iedereen wanneer het hem of haar uitkomt trekt aan de touwtjes die binnen handbereik hangen… dan krijg je al snel een onontwarbaar kluwen waar niemand nog een touw aan kan vast knopen.

Terwijl

Volkswagen Vorst. Daar had de directie de touwtjes wél stevig in handen. Hoe ging het er aan toe? In Duitsland zei men: we manipuleren even de publieke opinie, door te simuleren dat de boel dicht gaat. En dan komen we met menselijkheid boven en nemen en beetje gas terug en engageren ons om een gedeelte van het personeel in dienst te houden, maar tegen voor ons betere voorwaarden. Wij bepalen verdamd toch wel wat we aan wie uitbetalen en wat daar tegenover staat. We bekomen minder loon te moeten uitbetalen en meer gepresteerde uren in de plaats te krijgen. Schön nicht…

Zo krijgt men herstructureringen (die pijn doen en gezinnen het mes op de keel zetten) in de strot geduwd van de vakbonden. En die dienen als toemaatje te beseffen dat de slogan die een derde van hun aangeslotenen beroert, luidt: take the money and run. Wie tot de 1500 werknemers behoort aan wie een royale oprotpremie wordt uitbetaald, én tegelijk reeds uitzicht heeft op ander werk aan betere voorwaarden dan degene die VW wil geven, waant zich de grote winnaar en voelt zich eventjes net zo rijk als ene Laurent, snob van Koninklijke bloede, zij het met een bloedend imago.

Is de strategie van de VW-kapo’s aanvaardbaar? Vanuit humaan perspectief zeker niet. Maar hoe definiëren we humaan? Menselijk, al te menselijk. Goed, dus ook emotioneel en zelfzuchtig en bijwijle verwaand en verwend. En dan weze het hen vergeven. Of toch niet? Wat ons bij de vraag brengt: wie legt er op welke waarden de vertaling zijn van een cynische feitelijkheid? Gisteren nog onaanvaardbaar, vandaag – omdat het werkt en de publieke opinie het slikt – is het voor herhaling vatbaar, zeggen de PDG’s. En dat ze ermee weg komen, hebben we kunnen vaststellen. Tussen haakjes: communicatie was de motor tot succes. Communicatiestrategieën helpen wat voorheen als cynisch werd omschreven, vandaag als onafwendbaar te bestempelen.

En Guy en Noël? En Yves? En Elio? En Joëlle? Ze kwamen niet in het VW-spel voor. Dus roepen ze om het hardst in iets wat geen spel hoeft te zijn: de verdamping van België.

Duiventil

Ik heb van deze vaudeville genoten want ik hou er zelf ook van af en toe recht door zee te gaan en mezelf en anderen een spiegel voor te houden. Nooit boosaardig, soms pikant en liefst snedig. De mediamakers van de overheidszender in Wallonië-Brussel zijn zonder meer adrem en ademen energie uit. Il faut le faire.

België is een duiventil geworden. Een duiventil zijn we. Alleen omdat onze hersenen het ons opleggen, is het bij momenten stil. En luistert de rups naar het razen van onze slaap. Maar dan blaffen de honden. En beginnen we weer te soezen in dagdromen waarin we wakker warm lopen voor het sociale spel mens te zijn. Beter dan ganzenbord spelen of kastje kijken. Maar o zo vermoeiend. Ter plekke willen blijven en toch vooruit gaan. Vernieuwen en toch het oude koesteren.

Alleen een nieuw DADA kan mij nog van een grote DODO houden als ik het onderwerp Belg zijn aansnijd.

Tiens, la Belgique, n’est elle pas surrealiste? Kunst was het, die uitzending. Een performance van een groep journalisten en researchers. Ze weekten meer los dan een betoging op straat. Want ze kwamen tot in de huiskamer. Ze penetreerden in het heiligdom van de individuele privacyvrijheden: de woonkamer. En ze verplichtten elk van de aanwezigen standpunt in te nemen. Getuige en acteur tegelijk. Avatar in een wereld waarin we onszelf loslaten en tegelijk aanschouwen hoe ons alterego het er vanaf brengt. Voor en achter de microfoon hebben we een aangepast jargon.

Vlaanderen was de vijand waarop gefocust werd. Het grootste deel van mijn Waalse kennissen me considèrent étant Flamand. Et pourtant, moi, je ne suis qu’un autre. Ik ben wie men wil dat ik weze, zolang ik ook iemand anders kan zijn. Mijn identiteit zit in de vingers van de achtarmige. Mijn brein probeert zoveel mogelijk het doen en laten van die slingerende draden te volgen, maar in het netwerk waarmee ik hengel, zitten zoveel prikkels dat de armen bij momenten hun eigen gang gaan. En als ze terugkeren, gebeurt het dat zij hun ik vragen te reageren op een situatie waarin zij verzonken zijn. En wanneer het lichaam-brein die toestand fundamenteel belangrijk vindt, wordt het ik opgetrommeld om een mening te ventileren en zonodig een oplossing te vinden.

Maar is dit alles wel de moeite? Hebben we nog de behoefte ons ik te verankeren in een Belg-zijn? Kunnen we volwaardig mens zijn zonder die identiteit? Verdwijnt, na God, ook het Vaderland en de Bodemcultuur uit ons bestaan? Ik denk dat dit proces zich inderdaad aan het voltrekken is. Ene De Gucht –uitgeroepen tot Man van het Jaar door Knack- had het al over de verdamping van België in dat grotere geheel, maar daarom niet minder onontwarbaar: de Europese Unie. En is die verdamping een probleem? Verliezen we de mogelijkheid onszelf een identiteit te geven? Tuurlijk niet. Mijn octopus zal niet langer in Koninklijke gronden kunnen ploeteren, maar kan tegelijk Europese en lokale molshopen maken. Waarom zouden er zonodig tricolore vlaggen moeten wapperen en volksliederen weerklinken? Alvast niet om mijn persoonlijkheid vorm te geven.

Dus vermoei me er niet meer mee. Laat dat gekwaak in de media. Laat de media andere lieden dan Belgische staatslui interviewen en hen om reactie vragen. Of laat de media vaker zelf verhalen verzinnen. Ze wakkeren de geesten aan; ze doen de temperatuur in onze lichamen stijgen en daardoor kunnen we de verwarming lager zetten, wat de Kyotonorm iets haalbaarder maakt.

Ecologisten zijn het, die intello’s van de RTBF. Waren ze op VRT ook maar van dat kaliber…

Al denkt de cineast Luc Dardenne daar anders over (een tv-studio heeft voor hem een symbolische waarde die men niet mag aantasten met fake uitzendingen).

 
Een reactie plaatsen

Geplaatst door op 17 december 2006 in media, politiek

 

Almost Star Trek

Zal men ooit ruimtereizen uitvoeren? Op zich een weinig aangenaam vooruitzicht, gelet op de ondraaglijke verveling aan boord tijdens de eindeloos durende (zoek)tocht naar een levensvatbare planeet.

Toch worden de eerste prototypes ontwikkeld maar het hele concept doet denken aan een jojo waarbij men de aarde als moederkoek niet wenst te verlaten. De mensheid zal als soort enkel kunnen overleven wanneer de navelstreng met de blauwe moederplaneet doorgeknipt wordt. En dat lijkt me vooralsnog utopie.
Is het u anderzijds ook opgevallen dat het kosmische steeds vaker in de context van levenssymboliek gebruikt wordt?
visit space
 
Een reactie plaatsen

Geplaatst door op 15 december 2006 in kosmos, ruimtevaart

 

Innovaties van het jaar 2006

Nuttige en minder nuttige dingen. Hypes en zaken die trendy kunnen worden. Gadgets en unusual stuff.

Zo storten huizen in wanneer een orkaan hen teistert. Het dakgebinte houdt niet stand doordat de nagels het begeven. In 2006 werd een nagel ontworpen die wél resistent zou zijn tegen windhozen.
En meer van dat…
 
Een reactie plaatsen

Geplaatst door op 12 december 2006 in design, innovatie, technologie

 

Stupid design

Als God de Schepper is van alle Leven en Hij deed dit op basis van Intelligent Design, dan is hij gewoonweg een masochistische klootzak of een klungelaar van jewelste.

Lees ook mijn column God is met brugpensioen.
 
Een reactie plaatsen

Geplaatst door op 6 december 2006 in filosofie, religie

 

Eindelijk lady’s op verkeersborden

In Fuenlabrada, Spanje.

 
Een reactie plaatsen

Geplaatst door op 4 december 2006 in humor, maatschappij

 
  • Archief

  • december 2006
    M D W D V Z Z
    « Nov   Jan »
     123
    45678910
    11121314151617
    18192021222324
    25262728293031
  •