RSS

Dagelijks archief: 15 november 2004

thinking alone

Eenzaamheid maakt het mogelijk de tijd van je leven te dromen. Want niemand kan je in die dagdromen dwarsbomen. Droom bij voorkeur dat wat voor jezelf haalbaar is, maar sociaal niet realiseerbaar wordt geacht. Droom de droom van je bestaan. Haalbaarbeid is als water: je hebt een instrument (tool) nodig om het te scheppen uit de stroom van het aanbod. En dat volstaat. Als dat instrument bestaat (soms drukken we het uit in euro), maar door omstandigheden niet beschikbaar is, kan je niet anders dan dromen van hoe het zou zijn moest het wel voorhanden zijn… Of je steekt je hand uit in de hoop dat het erin gelegd wordt…

Wat we doen, doen we oprecht, begaan, solidair en open. Hoop is als een drug, en de realiteit een belemmering. Daartussen geeuwt de doorvoede westerling en kruipt de artiest in zijn of haar psychische gedaante. Want meer zijn we niet dan een gedaante met identiteit en een psyche met gevoelens.

Loop tot aan de volgende ontmoeting en verblij je met de aandikking van je zelf-zijn.

Wanneer genoegzaamheid de plaats innneemt van ontdekkingsdrift, verwordt bourgondische levensdrif tot decadentie. Blijf dus scherp en lijf je geest niet in bij anderen.

Drink uit die kelk en als de volgende passeert laten we enkele gedachten buiten beschouwing.

De kelk geraakt leeg en de ethiek wordt nog enkel zichtbaar in het micro-maatschappelijke (een moeilijk woord voor intermenselijke relaties op intiem niveau): de enige situatie waar je uiteindelijk het meest vat kan hebben op medemensen.

Eenzaamheid is dus een houding om zich te wapenen tegen het onmogelijke, en van het haalbare te proeven.

Advertenties
 
Een reactie plaatsen

Geplaatst door op 15 november 2004 in filosofie

 

KAPUTT

Misschien is het tijd om de roman “Kaputt” van Curzio Malaparte (zich afspelend in de tweede wereldoorlog) opnieuw te lezen. Met ditmaal in het achterhoofd dat “de Duitsers” vervangen dienen te worden door extreme fanatieke gelovigen (moslims, protestanten, whatever).

“Is het waar dat de Duitsers zo verschrikkelijk wreed zijn?” “Hun wreedheid berust op angst, antwoordde ik. Ze zijn ziek van angst. Het is een “krankes Volk”.

En na een lange stilte vroeg hij me of het waar was dat de Duitsers zo bloeddorstig en vernielzuchtig waren. “Ze zijn bang” antwoordde ik. Ze zijn bang voor alles en iedereen, ze moorden en vernielen uit angst. Niet dat ze de dood vrezen: geen enkele Duitser, man, vrouw, grijsaard, noch kind vreest de dood. En ze zijn evenmin bang voor pijn. Maar ze zijn bang voor alles wat leeft, wat buiten hen leeft en ook voor alles wat van hen verschilt. De kwaal waaraan ze lijden is geheimzinnig. Ze zijn bovenal bang voor zwakke wezens, voor weerlozen, voor zieken, vrouwen en kinderen. Ze zijn bang voor ouderen van dagen. Hun angst heeft altijd een diep medelijden in mij opgewekt. Als Europa medelijden met hen had, zouden de Duitsers misschien van hun verschrikkelijke kwaal genezen.”

 
Een reactie plaatsen

Geplaatst door op 15 november 2004 in filosofie, literatuur

 
  • Archief

  • november 2004
    M D W D V Z Z
        dec »
    1234567
    891011121314
    15161718192021
    22232425262728
    2930  
  • Advertenties