Yilli's Yolige Yachtvelden

30 april 2008

Traces du sacré

Multidisciplinary exhibitionCentre Pompidou du 7/5 au 11/8.

A visual exploration of one of the most pressing issues of our time.

Following what has come to be called “the disenchantment of the world,” a significant strain of modern art has found its roots in the turmoil attendant upon the loss of conventional religious belief, a terrain that continues to nourish the development of contemporary forms. Remaining, in a thoroughly secularised world, the profane vehicle of an ineluctable need to rise above the quotidian.

14 april 2008

Vaders en voetbal?

Ingedeeld onder: antropologie, communicatie, maatschappij, reclame — yilli @ 10:43 am

In Swaziland geven ze iets anders aan mekaar door…

18 november 2007

Neuromarketing

Ingedeeld onder: antropologie, bio, maatschappij, reclame, science — yilli @ 5:24 pm

Eén tegen allen. Dat komt ervan als je jezelf oplegt een rolletje te spelen. Ik was de marketeer van dienst, die ook de discussie diende te modereren. Gastspreker op de laatste van de drie Een blik op het brein-lezingen van de Hasseltse Vrijzinnige Verenigingen, was Tom Speelman, ethicus aan de universiteit van Gent, onderzoeker aan de UCSB (University of Californië) en gepassioneerd door evolutionaire psychologie en neuromarketing.

Het brein oplichten”: als dubbelzinnige titel dekt het de problematiek van Toms lezing. Onder een scan lichten de actieve delen van onze hersenen op. Bijvoorbeeld wanneer we genieten. Of wanneer we enthousiast zijn. Zo ook kunnen de processen die in werking treden bij ons koopgedrag, opgetekend worden. Bij branding wordt de prefrontale kwab actief. Het zou dus voor marketeers interessant kunnen zijn om een hersenscan van een consument te maken en zo te detecteren hoe deze reageert op een advertentie.

Dus ja, ons brein wordt zeer zeker gemanipuleerd door reclame. Dat begreep de directeur van TF1 wanneer hij stelde: “Met onze reclameblokken verkopen wij de mogelijkheid om het brein van de kijker te betreden.”

Neuromarketing is dus een analysetechniek van onze hersenwerking in de hoop een soort van koopknop te vinden waardoor je als marketeer de consument het best met reclame bespeelt opdat hij tot kopen zou overgaan.

Eerste randbemerking: elke kleur, elk geur en elk geluid die/dat we waarnemen, beïnvloedt onze hersenen. Reclameboodschappen zijn maar één van de honderden impressies die dagelijks op ons afkomen.

Hoe meer we onze hersentjes analyseren, hoe complexer de processen blijken te zijn, zeker wanneer het om aankoopbeslissingen gaat. Daarin speelt behoeftebevrediging een rol, naast esthetiek en schoonheid en ook de ratio mengt zich door bv. prijs en kwaliteit tegen mekaar af te wegen. Dat van die koopknop is wishful thinking, wist Dirk Speelman te vertellen. En de verzuchting van marketeers om op die manier de consument te kunnen bespelen (en onze hersentjes op te lichten) is redelijk overbodig, want met reclame kunnen de consumenten reeds diep in hun hersentjes getroffen worden. Dankzij humor, felle of juist zachte kleuren, een meeslepende melodie, een spontane glimlach, boezems en ontboezemingen… om nog niet te spreken van de allergrootste troef die de dames en heren van de advertisementwereld aanwenden: het inspelen op ons genotcentrum. Verslaafd zijn we aan zoveel mogelijk potvertier. De moderne mens wil zich zo weinig mogelijk onvoldaan voelen. Meer moet dat niet zijn om gelukkig te zijn.

Elk levend wezen met hersentjes (en dus ook de homo sapiens sapiens) zoekt het plezier op. De seksueel overactieve bonobo, het konijn dat een wietveld ontdekt, de bij die nectar slurpt en de mier die de larve melkt: bij allen licht het beloningscentrum op. Wat mensen misschien anders maakt, is dat ze willen evolueren en nieuwe gewoontes ontdekken. Hun honger naar hypes en sensatie doet hen consumeren en daardoor genieten. En daar speelt de reclame op in. Maar reclame is er geen gangmaker van! Bovendien worden preferenties (merkvoorkeuren) ook op andere manieren gecreëerd, niet in het minst door vrije beïnvloeding van familieleden buren, collega’s… Marketeers beseffen maar al te goed dat consumenten veel meer belang hechten aan community-sites waarop andere burgers hun relaas doen over diverse producten, dan dat ze bedrijfswebsites gaan opzoeken of reclamespots involgen.

De mens is een gewoontedier dat zich ontwikkeld heeft tot een wezen met persoonlijkheid. Maar toch zijn vele aspecten van ons gedrag en voorkeuren bepaald door het dier in ons. Zo smaakvoorkeuren en lievelingskleuren. Kan men dan van vrije keuze spreken? Zeker niet. Wanneer iemand niet houdt van spruitjes, dan is dat misschien biologisch bepaald. Wanneer iemand geel als lievelingskleur heeft, dan is dat genetisch bepaald. Dus iemand die zegt: ik verkies die gele sjaal en ik wil geen spruitjes vanavond… is dat dan een uiting van persoonlijkheid,? Zeker, maar van geprefabriceerde persoonlijkheid. Deze persoon is onvoldoende vrij om in te gaan tegen zijn gedetermineerde voorkeuren. Bespeeld worden door reclame is dus als bespeeld worden door een leerkracht of een coach. Naargelang de levensfase waarin men zich bevindt, kan men weerwerk geven, of ook niet.

Waarna het debat zich verlegde naar de vraag of marketing ethisch verantwoord is. En zeker wanneer door neuromarketing een koopknop gemanipuleerd zou kunnen worden.

Nochtans moet men ook de voordelen van reclametechnieken onder ogen zien, bv. wanneer ze toegepast worden bij voorlichtingscampagnes. Ik wees op de impact bij vele mensen van de reeds geprogrammeerde (genetisch of cultureel overgeërfde) goesting in suiker. Het zou fijn zijn om daarvan genezen te worden middels een lokalisatie in je hersentjes. Stel dat door neuromarketing een verslaving ongedaan wordt gemaakt… Een dame in de zaal wenste dit niet. Zij verkoos baas te blijven over haar ik.

Welk ik? denk ik dan. Die homp ontladingen, verbindingen, beïnvloedingen… Gekneed zijn we, door ouders, naasten, leraars, trainers, buren en natuurlijk de media. Is er nog sprake van een vrije wil bij een roker? Stel dat men zou kunnen detecteren welke delen oplichten wanneer men wil roken. En stel dat men dat ongedaan zou kunnen maken. Wat is daar fout mee? Hoe vrij is onze wil? Misschien zijn we enkel ons zelf wanneer we slapen, want dat is het enige moment waarop onze hersens aan het werk gaan zonder beïnvloed te worden. Ons ware ik toont zich wanneer we dromen. Eens we wakker zijn, begint het spel van de manipulatie.

Niet alle consumenten zijn even mondig of rijp om met die overvloed aan boodschappen om te gaan. Zo staan jongeren indeed zwak wanneer ze bespeeld worden. Maar kan men de reclame verantwoordelijk stellen voor het falen van ouders die hun kinderen geen weerwerk geven? Of voort het ontbreken van mediavorming in het onderwijs? Als tv een goedkope babysit wordt, dan slikken de hersentjes van kids met volle teugen de beeldenstroom. En als sommigen per se een bepaald product willen bezitten of een megastar wensen te kopiëren, is het antwoord dan… schieten op de marketeers?

Uiteraard is er overconsumptie. En er is nutteloze consumptie. Duurzaamheid is het alternatief. Al Gore (geen toonbeeld van consequentie) sprak op Cannes (op de jaarlijkse hoogmis van de Reclamemakers) over de economische boom die ons te wachten staat door de groene economie. En hoe zullen de fabrikanten van zonnepanelen ons bereiken en hun producten aanprijzen? Op dezelfde wijze als Oxfam met hun Fare Tradelabel: middels… reclame.

Na het debat vertelde een man (van rond de 60) me –inpikkend op mijn opmerking dat het droeve lot van de mannelijke Akha-leden in de Thaise bergen (de meesten zijn verslaafd aan heroïne) niet het gevolg is van marketing- dat deze nefaste evolutie enkel mogelijk werd door westers toedoen, n.l. de introductie van de techniek om uit opium heroïne te halen. En die techniek werd dan weer binnengebracht, niet door multinationals maar door links geëngageerde rugzaktoeristen…

Men zou ze nog gaan haten, die late hippies.

En ook de Aborigins zitten letterlijk en figuurlijk aan de rand van de hun nog toebedeelde gronden. Ze verkopen er tapijten doorweefd met hun typische tekeningen. Tapijten… Made in Taiwan. Waardoor hun laatste restje fierheid helemaal zoek is.

Dank je, dynamische man, voor deze informatie. Temidden het publiek kon ik mijn rol laten vallen. De breuklijn is dus dat wie niet opkan tegen de manipulatie van de markt (waar reclame, maar ook rugzaktoerisme een onderdeel van zijn) best in bescherming wordt genomen.

Een geëngageerde afsluiter voor een avond verwarmd door knetterende gedachten. I sometimes love it.

28 mei 2007

Hoofddoekje af?

Ingedeeld onder: antropologie, maatschappij, religie — yilli @ 1:54 pm

Wat te denken over de hoofddoekendiscussie? Moet de hijab af?
Uit mijn column n.a.v. de moord op Theo van Gogh haal ik dit.

Er is de vaststelling dat de chassidische Joden te Antwerpen, de dreadlocks onder de Joodse broeders, zonder enig morren hun kledij mogen dragen en zich steeds outen (ook in publieke plaatsen als scholen of rechtbanken) als zijnde behorende tot een specifieke geloofsgroep. Waarom mogen zij dat wel, en mogen jonge meisjes van Maghrebijnse afkomst géén uiting geven aan hun geloof?
Zijn de Joodse mannen dan geëmancipeerder? Nee. Zijn zij een opdringende cultuur? Nee, want ze leven in een getto en vallen niemand lastig. En daar zijn we dus met een eerste vaststelling: wees niet expansionistisch t.o.v. de westerse cultuur; eis niets van de lagelandencultuur op het vlak van geloof, tenzij de overheden van de lage landen zelf een infrastructuur (bv. een opleiding imam) op poten wil zetten.
Momenteel wordt het dragen van een hoofddoek gezien als een aanhangsel van een expansionistische geloofsuitdrukking. Het verbod op het dragen van een hijab is een statement, een acte de présence van de westerse waarden. Tegenover de Joodse gemeenschap van Antwerpen moet de westerse cultuur niets bewijzen en ze wordt ook niet door hun leiders aangevallen. Dus zij mogen wel hun kepeltjes dragen. Echter, een inburgeringstest afnemen (op zich reeds een harde maatregel) en zeggen dat wie een hoofddoek draagt, sowieso niet geslaagd is voor die test, is een brug te ver. Enerzijds omdat men perfect met een hoofddoek kan rondlopen in een westers land en de cultuur kennen en eerbiedigen; en anderzijds omdat het risico op een tegengesteld effect heel groot is want als men de inspanning levert een tolerante cultuur te keren kennen, en dan verneemt dat die cultuur je een verbod oplegt om eender wanneer een hoofddoek te dragen, dan ga je die cultuur wantrouwen. Dus een duidelijke outing van zijn religie mag in bepaalde gevallen niet (bv. als advocaat of leerkracht), doch voor een inburgeringstest is dat niet het geval.
Tegelijk moet men beseffen dat een verbod op hoofddoeken munitie is voor de fanatici onder de moslims. Als elke jongedame die haar hijab moet afdoen, meteen gewonnen is voor de islamisering van Europa, dan is er een strategische fout gemaakt door enkel maar verboden op te leggen. Waar zijn de initiatieven om bruggen te slaan in de wijken tussen zgn. allochtonen en autochtonen (zogenaamd, want beiden zijn evenwaardige buurtbewoners met even rechtmatige eisen!). Waar worden er vanuit de lagelandenoverheden middelen vrijgemaakt om een alternatief islamonderricht te verzorgen, zodat men de islamgemeenschap kan informeren over een andere lezing van de koran? Elke terechte kritiek op de rationele manipulatie van fanatieke moslims, moet in de eerste plaats tot bij de moslims zelf komen! Daar moet men werk van maken. En waarom gaan ambtenaren niet van deur tot deur, in het kielzog van de Vlaams Belangmilitanten, om de temperatuur van het ongenoegen op te meten, de bewindslui tot daden aan te porren en de blanke buurtbewoners uit te nodigen kennis te maken met de cultuur en gewoonten van anderen, in plaats van hen met de vinger te wijzen. Wordt het geen tijd om een aantal feestdagen toe te voegen, bv. eentje die de dag viert dat de eerste lading migranten de steenkoolmijnen ingingen? En waarom zou Vlaanderen Feest niet langer een barbecueherdenking kunnen zijn op 11 juli, maar een gemengd cultureel feest in elke wijk waarbij men eindelijk eens met mekaar kan praten.

14 augustus 2006

Het fiasco van de Mamma-cultuur

Ingedeeld onder: Italië, antropologie, reizen — yilli @ 2:40 pm
Zuid-Italiaanse zonen worden hun hele jeugd, maar ook de decennia erna, door hun moeders in de watten gelegd. Ze komen te raden op hun schoot en (zo gaat de roddel) hebben geen geheimen voor hen. En ze eten uit hun ruif, tot ver voorbij ze zelf vijftig zijn. En dit soms dagelijks (vaak over de middag) terwijl de ega het avondeten voor hen zal klaarzetten. En dit in ruil voor het opvangen van mamma wanneer ze niet meer voor zichzelf kan zorgen. En dat is vaak ver voorbij haar zeventigste.
Mamma (oma) wast, kookt, serveert, ruimt af en doet de vaat. Geen traan wordt gelaten, geen spier vertrokken. Zo moet er geleefd worden volgens de tradities. Maar de nieuwe generatie vrouwen zal zich sneller in de schaduw van een olijfboom neerzetten en luieren.
Sommige families verblijven de volle twee maanden op een camping en hun echtgenoten vervoegen hen tijdens de weekends, waar ze zich dan ook laten bedienen en als het hen uitkomt van de kinderen ontdoen. De oudere mannen dutten de hele zater- en zondagnamiddag, gelegen in een klapstoel, in de schaduw van een boom.

De mamma-cultuur heeft vreemde gevolgen. Heel wat Zuid-Italiaanse mannen gedragen zich als verwende kinderen. Ze zijn het gewoon door iemand verzorgd en bediend te worden en ze zijn het gewoon dat de meeste van hun verzuchtingen ook uitgevoerd worden. Zo gedragen ze zich dus ook in het verkeer en op straat. Als in een cocon verrichten ze daden; en steeds staat het eigen zelf centraal. Niet dat ze iemand anders niets gunnen; nee, hun attitude is niet negatief tegenover de Ander; ze komen er gewoon niet toe stil te staan bij wat die Ander misschien van hen zou verwachten. Een vorm van fijngevoeligheid en attentheid is hen vreemd. Soms lijken ze wel voorgeprogrammeerde robotten die recht op hun doel afgaan zonder in te schatten welke gedragswijzigingen dat heeft voor anderen. En dat is het gevolg van de mamma-cultuur die de zoon zijn hele leven op een piëdestal plaatst. In het zuiden van Italië is Jezus niet de gekruisigde, maar de aanbeden zoon. Alleen gedragen deze Jezussen zich nogal egocentrisch. En houden ze er weinig gedachten op na.
Het geeft alvast een voorsmaakje van wat het China van binnen twintig jaar zal zijn, wanneer een hele generatie zal bestaan uit volwassenen die enig kind waren. Ikke, en de rest moet maar even wachten.

1 juli 2006

Als ie maar geen allochtoon wordt, ze schoppen ’em misschien halfdood.

Ingedeeld onder: antropologie, media, politiek — yilli @ 11:14 am
Stel: je vraagt je af of Ronaldinho en Kim Clijsters belangrijker / even belangrijk / onbelangrijker zijn dan pakweg Rene Magritte of LP Boon.
Appelen met citroenen vergelijkend? Absoluut niet. Dit is een verhaal over clangevoel en dus ook over waarden en inzichten. (Op de achtergrond inspireert een musicerende Boudewijn de Groot. Elk mens heeft recht op zwakke momenten)

Sportliefhebbers en pubers houden van het simplistische kiezen tussen (hun) favorieten en de tegenstanders. De clan Clijsters tegen de clan Henin. De tribu Ronaldinho tegen de soldaten uit Frankrijk. (Annemans versus Verhofstadt).
Na verloop van tijd gaan supporters het esthetische van de sport en de schoonheid van de strategie, als belangrijk ervaren. De adrenaline-opstoot die leidt tot favoritisme en fanatieke vormen kan aannemen (tot en met uitsluiting van wie als groep niet-gewenst is) ebt langzaam weg en nuancering komt in de plaats. Maar niet bij iedereen gebeurt dit (even snel). Juichen als de eigen held wint, werkt verslavend en geeft een goed gevoel. Hormonen determineren m.a.w. het clangevoel.
Hooligans zijn op eenzelfde manier verslaafd aan de kick van agressie en de spanning opgepakt te kunnen worden. Het is de apotheose van het wij-gevoel dat poogt te triomferen over het bedachtzaam redenerende individu, dat zich nochtans ook in hen schuilhoudt.

Media-intermezzo 1: een buspassagier vraagt (weliswaar manu militari) een groep ruziemakende jongeren het rustiger aan te doen. En de clan richt zich tot de oudere autochtoon. En motten ‘em af. Clockwork Orange is onder ons.

Er komen andere tijden, zong Boudewijn. Vormelijk anders, maar niet inhoudelijk. Wél complexer, en daarom storen radicale daden want die verwijzen naar een te simplistische opdeling in go(e)d en kwaad. Zover zijn we gelukkig al.

Voor een walvis is ethiek van een onovertrefbare onbeschaamdheid en overtolligheid (in de zin van irrelevant). The Survival of the fittest (de meest aangepaste kan zich handhaven) voldoet als wet in Oceaanland. Maar wij, met vaste grond onder de voeten, zijn tot meer inzichten in staat dan vissen…

Nee, dit zijn geen verwijten, en niks hiërarchische classificatie. Dit is geen pleidooi voor (maar ook niet tegen) elitarisme. Het is eerder een vaststelling: intellectuele capaciteiten om de eigen driften in te tomen, is niet aan iedereen gegeven. Een maatschappij met diverse stromingen (snelheden van ontwikkelingen) heeft steeds bestaan binnen de homo sapiens-cultuur.
(Malaparte vanop Capri; Celine vanuit de Parijse vierde wereld: een wrede waarheid penden ze neer.
Maar Boon en Magritte, die dachten er anders over.)

Hey Tante Julia. We zijn ouder en blijven piano spelen en smelten voor je borsten.

Gewoon even door-redeneren, toch zo leuk in een supersonisch media-universum waar bytes de voltooiing lijken van een kosmische constante: evolutie door acceleratie.
Om inzicht te krijgen moet men stilstaan temidden de stromende tijd om de zich opvolgende feiten en gebeurtenissen niet langer als een versnelling op het eigen leven laten inwerken.
Ik neem géén Stella als ik de tijd stop. Ik volg de media even niet. Ik probeer inzicht te krijgen.

Media-intermezzo 2: Mondjesmaat, als een scheet in publiek, werd de identiteit van de daders in de media vrijgegeven (er zijn immers verkiezingen op komst dus ligt de manier waarop men communiceert erg gevoelig). Antwerpenaars zijn het. Allicht, het is hun bustraject. Met moslim-ouders. Dus allochtonen. We hadden het kunnen weten, gniffelen velen.

Het was wachten tot men zich in de media vragen stelde over de opvoedingspatronen van deze jongeren.
Maar we wéten wat er aan de hand is. Onze universitaire en andere onderzoekscentra hebben de meeste problemen in kaart gebracht en doen ook voorstellen om oplossingen te vinden.
We begrijpen het proces: zij weten het niet, ze zien geen oplossing, ze beseffen dat ze losers zullen worden. En hun ouders noch leerkrachten kunnen hen hierbij helpen. Een leven tussen twee culturen.
Verdomde werkelijkheid.

En elke Vlaming waant zich in hun ogen kampioen. Als zakenman, Flandrien, vastbenoemd bureaucraat, media-artiest… allemaal zitten ze op een troon en lijken nooit tussen twee stoelen te vallen. Het succes van de Ace.
Media en reclame mogen niet leiden tot een vervormd beeld van ons bestaan. Nochtans wordt daar het beeld gebeiteld dat vele jongeren van de samenleving krijgen. Het is niet allemaal glitter en fun, daarbuiten, achter de muren van plezier en de kastelen vol zwoele fashion. Uit reclame mag geen nijd ontstaan, want niets belet dan nog het oproepen van haatgevoelens.

Voltooiing, ontplooiing, verschoning, hoop en verandering in positieve zin… zij die tussen de plooien vallen, willen het ook! Dus geef hen – onder dwang – nieuwe kansen.
Want ze wonen hier en ze zijn van hier. (sic!)

Ze lachen en kaarten en slaan en veinzen en huilen en dreigen en gaan te ver. Ze flippen en exalteren.
Wanneer de politie de straat doorzoekt waarin ze wonen, ontstaat er een solidariteit tussen de maghrebijnse jongeren. Ze verdedigen hun Ronaldinho’s. Clangedachte. Samen sterk genoeg om te kunnen winnen? Uiteindelijk zullen ze een Magritte worden; omdat wij versus hen zal vervagen.

Ze zullen tot inzicht komen. En hun gemeenschap zal zich daar mee moeten bezighouden. In de eerste plaats. Maar wie zijn hun woordvoerders? De imams? Nee toch. Maar wie dan wel? Misschien vinden we een antwoord via de Israëlische filosoof Avishai Margalit en zijn twee slogans (handig voor de komende gemeenteraadsverkiezingen): Voice en Exit.
Met Exit bedoelt hij dat de dominante cultuur respect moet opbrengen voor andere culturen, maar tegelijkertijd voorzieningen moet treffen voor dissidenten uit die andere culturen om weg te kunnen lopen. Akkoord, het is misschien schandelijk dat zoveel allochtone vrouwen in blijf-van-mijn-lijf huizen zitten; het is vanuit een moreel standpunt het bewijs van een macho-barbaarsheid van allochtone mannen. Margalit zegt: dat morele oordeel is juist, maar brengt je niet ver. Creëer veel meer blijf-van-mijn-lijf huizen, maak ze toegankelijker en luxer en aantrekkelijker, waardoor nog meer vrouwen in staat en bereid zijn weg te lopen. De gevluchte vrouwen zijn een teken van onderdrukking, maar net zo goed een begin van zelfbevrijding.
Met Voice gaat het ongeveer net zo. In de dominante cultuur is de vrijheid van meningsuiting onbetwistbaar. Je kunt niet voorkomen dat men dan lelijke dingen zegt over andere culturen. Maar zorg ervoor dat de minderheden de mogelijkheid krijgen zich te verweren. Je stem laten horen kan niet alleen eens in de vier of zes jaar, er moeten gelegenheden komen waar de allochtonen aldoor kunnen debatteren. Niet in de beslotenheid van de moskeeën, maar in het openbaar, op televisie, op podia in de steden, theaters en platformen waar opgeleide allochtonen kritisch, intelligent en emancipatoir de ontwikkelingen in de wereld kunnen beschouwen en duiden en… bespotten.
Waar allochtonen behoefte aan hebben zijn plekken voor weerwoord, waardoor de moskee wordt waarvoor die bedoeld is: een plaats om te bidden, meer niet. De imam verliest zijn macht, de academische en artistieke sprekers winnen aan invloed en de allochtonen krijgen het nu permanent, in plaats van eens in de vier of zes jaar: een stem.
Die stem kan dan mee bepalen wat er met de 6 van Antwerpen moet gebeuren.
En wat te denken over de ouders die telgen uit hun kroost niet meer kunnen afremmen bij het plegen van een moord…?

Kinderen hebben is een kunst, een vak, een levenstaak, en niet iedereen die de verzuchting vormt tot kinderen-hebben, is voldoende ontwikkeld/gewapend om de consequenties ervan op een maatschappelijk opbouwende wijze te ervaren. Laat staan zichzelf en het opvoedingspatroon te wijzigen.
Pleit ik ervoor een examen af te leggen alvorens men zich waagt aan procreatie? (Orwell is back). De Antwerpse schepen van Veiligheid houdt het voorlopig bij een verplichte cursus pedagogie voor ouders die hun kinderen niet meer in de hand hebben.

We moeten niet naïef zijn. Het proces zal in fasen verlopen. Eerst moeten we het probleem zien te stabiliseren. Hoe? Met luxe!
Luxe maakt mensen tolerant. Want het ontneemt een dosis hebzucht. Immers, we hebben in een luxueuze maatschappij véél genot en ervaren regelmatig vlagen van geluk. En dan zijn we rijp voor de schoonheid van het concurrentieloze à la Magritte. Luxe als inburgeringsstrategie. Het werkt langs twee kanten: zij voelen zich geïntegreerd, en de bange blanke beseft dat hij zijn levenspeil kan behouden. Want dat is natuurlijk de basis van xenofobie en intolerantie.

Anabel. We kaarten. We lachen. We hebben mekaar gevonden. Inoubliable.
Het is hier dat de ramen van Magritte op uitkijken. Het kennen van vrede en welvaart doet ons slapen en wegdromen in kunst. Daarvoor bestaan wij.

Zij, zij zoeken nog. Ze schuimen de straten af. Als soldaten. Maar al te lang in hetzelfde vaarwater. Ze walsen op de stroom in hun wijk, in hun media, in ons aller steden. Bij nacht drinken ze het Vlaamse bier. En voelen zich van hier. Maar misschien willen ze even stilstaan. En op het droge fietsen, ter plekke. En even rondom zich zingend: “Als ie maar geen allochtoon wordt, ze schoppen ‘em misschien halfdood.”
Dus gingen ze zelf wat lijf-trappen. Misschien daarom dat ze niet ophielden met te meppen en stampen? Zootje oncontroleerbare bruten.
Beboeten met lijfstraffen?
Sluit ze op. In ieders belang.

Autoritaire medeburgers hebben nood aan een houvast en zoeken die in regels die steeds en fanatiek consequent nageleefd dienen te worden. Zij pleiten voor uitsluiting, opsluiting en wijzen met de vinger. En als plots die regels wegvallen of genuanceerd worden, zijn deze medeburgers radeloos, ontheemd, verdwaasd en verweesd.
(De neanderthaler-idioot is onder ons. Het zijn wijzelf.)

Media-intermezzo 3: Probatie of strenge straf? Het dilemma. Verhofstadt pakt Annemans in snelheid. De wet Lejeune mag niet altijd en op iedereen toepasbaar zijn.
Alsof ze dat al niet was. Gelukkig maar, want genuanceerdheid is een must.
De premier valt het VB dus langs rechts aan en zet ze in de wind. Dit valt (toevallig?) samen met de mini-rel rond de bij een Amerikaanse firma aangekochte foto’s waarop Franstalige medeburgers pronken (het VB is duidelijk kosmopolitisch als het om productiekostenbesparing gaat). En al likt het VB enkele wonden… het incident zal snel vergeten zijn door hun kiezers.

Laat het onaanvaardbaar overlijden niet nutteloos geweest zijn. Laat er geen wraak op groeien, want de daad van de gestorvene was vervuld van goeie intenties.

Wat deden overigens de andere inzittenden?

Meester Prikkebeen, het steekt zulke vragen. Waar waren de andere buspassagiers?
Slaap zacht tot de rook om onze hoofden is verdwenen, moeten ze gedacht hebben. We kerven nochtans samen de geschiedenis van ons heden.

Vaarwel en tot ziens, het werd een busreis naar nowhere. Met vleugels van papier…

Onze wapens zijn uit letters gemaakt. Onze vuisten zijn de bezinning en de kalmte. Wij vechten zonder te slaan, zonder te vernietigen. Wij beïnvloeden met de betrachting behulpzaam te zijn. Naïef op de vlucht voor het dictaat van de fittest (Darwin, Clijsters en de Ace) openen wij de vensters van Magrittes wereld: er is plaats genoeg om Anders te zijn en toch Samen te leven. Wij zijn niet voor of tegen andere groepen; wij beslissen niet op leven en dood over de levens van anderen.

Tenzij we ze tot culinair voedsel nuttigen, prevelen de oceaanbewoners… Veronderstellend dat ze kunnen prevelen.

Ze werden gegrepen, de 6 van Antwerpen, en men brengt ze op het publieke forum. Hun catwalk leidt tot het schavot. Maak er a.u.b. een voorbeeld van en geen afrekening.

Verdomde mensheid. Een peloton dat in gescheiden groepjes door het leven fietst. Kromgebogen. Zichzelf een weg banend. Sommigen verslagen. Failliet nog voor het begon. Kut voor die Marokkaantjes.

Wie zit er aan de stadspoort en speelt voor de kinderen van de stad? Wie zet, als het iets zou uithalen, alle prinsen, meneren presidenten en zakenlui in hun hemd? En wie brengt er na de prille lente ook een zomer?
Er wordt al voldoende opgeroepen. Wij houden het bij: zijn we te min als soort om iedere bewoner een haatloos bestaan te geven?

13 januari 2005

Cosmic Bushmen

Ingedeeld onder: antropologie, filosofie, kosmos — yilli @ 7:36 pm

Thebe Medupe grew up in a poor South African village near Mafikeng, about four hours north-west of Johannesburg. He went on to gain a doctorate in astrophysics at the University of Cape Town.

In 1998 he was approached by film makers from Cape Town who wanted to make a documentary on traditional African knowledge of the night sky.

What made him choose the Bushmen and the Dogon?

“The aim was to film living societies that still depend on stars in their daily lives. The Dogon were especially good for this because their culture has changed little in the past few hundred years. The same with the Bushmen, who are Africa’s oldest people.”

What did they tell him?

“The Bushmen have many stories. For example, they believe the Milky Way was made by a Bushman girl who wished for a little light and threw wood ashes into the sky. She created different coloured stars by throwing different coloured burning roots into the air.
There’s another one about two of the stars of the Southern Cross, Alpha and Gamma Crucis. It goes like this. The creator had two sons called Khanka and Khoma. One day the two boys went hunting with a family of lions, but the treacherous lions ate the boys. In his anger and despair, the creator made fire and hid it in a meteor disguised as an eland’s horn. The creator called down the meteor and it hit the lion and killed it. His heart was calmed and there was fire for everyone. Khanka and Khoma are Alpha Crucis and Gamma Crucis.”

The Bushmen have many other stories. For example, that seven daughters of the sky god (Pleiades) were married to a hunter. One evening the hunter went hunting the zebras (the three stars of Orion’s Belt). He was such a bad hunter that his arrow missed, and because he was afraid of the nearby lion (Betelgeuse) he left the arrow where it lay (now known as Orion’s sword). The unlucky hunter was too embarrassed to go back home to his wives because he did not have meat to bring to them, so he stays out there in the cold as the star called Aldebaran.

More Astronomy and the legacy of apartheid

Blog op Wordpress.com.